Spring naar inhoud

Dirk Maes over het bont dikkopje

Ode Aan Wat Verdwijnt

geschreven op 15 februari 2019

Kieskeurige eters

Een van mijn eerste ontmoetingen met een bijzondere dagvlinder was die met een bont dikkopje in de Vallei van de Zwarte Beek, een van de grootste en mooiste natuurgebieden in Vlaanderen. Niet voor niets dat de wolven Naya en August zich daar gevestigd hebben.

Het bijzondere aan deze soort is dat ze het grootste deel van hun “leven” als rups doorbrengen.

Dirk Maes

Maar terug naar het vlindertje … Het Bont dikkopje is een klein bruingeel gevlekt vlindertje dat in het voorjaar vinnig heen en weer vliegt tussen struikjes en nectarplanten zoals gewone koekoeksbloem en kruipend zenegroen. Het is een typische soort van open plekken of brede paden in bossen. Het bijzondere aan deze soort is dat de vlinders zelf maar enkele weken rondvliegen en dat ze het grootste deel van hun “leven” als rups doorbrengen. Net daar zit het probleem met de klimaatverandering, die voor grotere extremen zal zorgen: langere droogten, extreme regenval ….

De rupsen eten alleen breedbladige grassen zoals Pijpenstrootje en omdat die niet erg voedzaam zijn, moeten ze er gedurende 10 maanden van kunnen eten. Kieskeurig als ze zijn, volstaat voor hen enkel het frisgroene gras aan vochtige bosranden. Door extreme droogten (zoals die in 2018) verdorren de voor de rupsen lekkere grassen sneller en slagen ze er niet om voldoende voedsel te bekomen om het jaar erop een nieuwe generatie vlinders voort te brengen. Extreme regenval kan de sowieso al natte plaatsen waar de rupsen vertoeven dan weer langdurig onder water zetten waardoor ze zouden kunnen verdrinken.

In het voorjaar van 2018 werd Belgische Bont dikkopjes geherintroduceerd in Engeland waar ze in 1976 uitgestorven waren. Het behoud van de soort in onze eigen contreien kan dus bijdragen tot een grotere overlevingskans in een ruimere Europese context en dus op plekken waar het toekomstige klimaat het Bont dikkopje gunstiger gezind is dan hier.

Dirk Maes werkt als bioloog bij het INBO (Instituut voor Natuur-en Bosonderzoek).

VRTNU VRTNU VRTNU