Spring naar inhoud
vanaf maandag 22 april om 20u55

VDB. Ik ben god niet

Bekijk VDB. Ik ben god niet op
Tien jaar geleden overleed Frank Vandenbroucke (1974-2009). Vandaag blikt Canvas in een zevendelige documentaire terug op zijn leven en zijn carrière. Het levensverhaal van VDB leest als een Griekse tragedie: van halfgod tot gevallen engel, van miljonair tot dakloze.

Het is het verhaal van een wielrenner, maar het had evengoed dat van een rockster of een filmvedette kunnen zijn. Tegelijk is het ook een heel menselijk verhaal, over liefde en verdriet, sterke familiebanden en grote twijfels, over een simpele jongen uit Ploegsteert die onder druk van het sterrenbestaan verzeild raakt in een wereld van verslavingen en depressies.

Ik ben geleefd en heb geleefd, ben twintig keer gestorven en eenentwintig keer terug opgestaan. Het past absoluut om te zeggen dat mijn leven een film zou kunnen zijn.

Frank Vandenbroucke

Het verhaal van VDB wordt verteld door zijn naasten en andere kroongetuigen van zijn leven en zijn carrière: onder meer zijn ouders Jean-Jacques Vandenbroucke en Chantal Vanruymbeke, zus Sandra, oom Jean-Luc, dochter Cameron, Patrick Lefevere, Johan Museeuw, Nico Mattan, Wilfried Peeters, Yvan Vanmol, Dirk Nachtergaele, Lieven Maesschalck, Michel Wuyts, Mark Vanlombeek,... De getuigenissen worden geïllustreerd met vaak nooit eerder getoond archiefmateriaal.

De afleveringen

1. De geboorte van een kampioen maandag 22 april (om 20u55)

1. De geboorte van een kampioen maandag 22 april (om 20u55)

“Frank is het grootste talent dat ik tot op heden gezien heb.” - Rony Vanmarcke (juniorencoach)

Frank Vandenbroucke groeit op in Ploegsteert, in de drukke Hostellerie van zijn moeder en de wondere wielerwereld van zijn vader. Al in de jeugdreeksen blinkt hij uit: volgens kenners is hij het grootste talent dat ons land ooit heeft gekend. De verwende jongen met het sterke karakter wordt op handen gedragen. Maar al snel leert hij dat familie en zaken niet altijd samengaan.

Het minste dat we kunnen zeggen is dat het leven van VDB er een was van ups en downs. Alles begon nochtans veelbelovend. Frank komt uit een wielerfamilie. Zijn vader Jean-Jacques is een ex-profrenner en wordt later mecanicien bij de Belgische wielerploeg Lotto-Caloi. Zijn oom Jean-Luc is ploegleider bij diezelfde ploeg. Zijn moeder houdt een café open in het kleine dorpje Ploegsteert waar Frank sinds dag één in het middelpunt van de belangstelling staat.

De kleine Frank is waanzinnig competitief. Hij is de beste in alle caféspelen en kan absoluut niet tegen zijn verlies. Vriendjes interesseren hem niet, met teamsporten stopt hij al snel omdat de rest te slecht is. Hij kiest voor atletiek en wint bij de jeugd alles wat er te winnen valt.

Op zijn 15de vraagt hij zijn eerste wielerlicentie aan. Hij wordt Belgisch kampioen bij de nieuwelingen en de junioren en pakt brons op het WK in Athene. Al snel trekken de profploegen aan zijn mouw. Tegen zijn zin tekent Frank bij Lotto, de ploeg van zijn vader en oom. VDB mikt hoger dan het Belgische ploegje, maar de familie laat hem geen keuze.

Frank is met zijn 19 lentes de jongste neoprof sinds Van Steenbergen. Op training doet hij zijn tien jaar oudere kopman Andrei Tchmil meteen pijn. Oom en ploegleider Jean-Luc moet menig brandje blussen. In zijn eerste rittenkoers, de Ronde van de Middellandse Zee, wordt Frank vierde in de koninginnenrit. “Geen probleem,” zegt Frank, “morgen win ik op de steile Notre-Dame de la Garde in Marseille.”

Met getuigenissen van: moeder Chantal, vader Jean-Jacques, oom Jean-Luc, zus Sandra, Steve De Wolf (jeugdvriend), Rony Vanmarcke (juniorencoach), Jean-Michel Clatot (secretaris supportersclub), Joël Moerman (voorzitter supportersclub), Nico Mattan, Patrick Lefevere, Johan Museeuw, Wilfried Peeters en Michel Wuyts.


2. Il bimbo d'oro maandag 29 april

2. Il bimbo d'oro maandag 29 april

“Frank heeft het nooit aan de buitenwereld laten zien, maar hij had veel faalangst. Hij had niet het zelfvertrouwen dat hij uitstraalde.” - Yvan Vanmol (ploegdokter)

VDB is de rijzende ster van het peloton. Hyperambitieus, maar dat heeft zijn consequenties. Hij pleegt contractbreuk met Lotto, de ploeg van zijn vader en oom, en dat eindigt zelfs voor de rechtbank. Bij het grote Mapei ontbolstert hij in het peloton. Meermaals wordt hij gered door zijn charisma, maar nog vaker gefnuikt door zijn eigen fysieke en mentale broosheid.

Al na enkele maanden is Frank het beu bij Lotto-Caloi, de ploeg van zijn oom waar ook zijn vader werkt als mecanicien. Hij raakt aan de praat met het grote Mapei en al snel is de zaak beklonken. Alleen: Franks contract loopt nog en Jean-Luc is niet van plan zijn neef zomaar te laten gaan. De familieruzie eindigt voor de rechtbank. Begin april, middenin de voorjaarskoersen, wordt Frank eindelijk renner van Mapei. Niet veel later, in Parijs-Brussel, kruisen Frank en Mapei de degens met Jean-Luc en Lotto.

Frank is meteen graag gezien in zijn nieuwe ploeg. De jongeman is zo charismatisch dat je er niet kwaad op kan zijn, wat hij ook uithaalt. Toch botst het meermaals. Frank is namelijk hyperambitieus. In de Vierdaagse van Duinkerken bijvoorbeeld, waar Johan Museeuw en VDB het tegen elkaar opnemen en voor de eindzege strijden.

Frank barst van het talent, maar hij is ook broos. Door een ongeluk met een rallywagen in zijn kindertijd heeft hij vaak last van zijn knie. Maar ook mentaal is hij soms kwetsbaar. Frank mag dan wel een en al zelfvertrouwen uitstralen, even vaak heeft hij last van faalangst. Franks zege in Parijs-Nice staat op ieders netvlies gegrift, maar achter de schermen hing die overwinning aan een zijden draadje…

Met getuigenissen van: moeder Chantal, vader Jean-Jacques, oom Jean-Luc, zus Sandra, schoonbroer Sebastien, Patrick Lefevere, Yvan Vanmol, Johan Museeuw, Wilfried Peeters, Dirk Nachtergaele, Nico Mattan, Lieven Maesschalck en Michel Wuyts.


3. De ontsporing maandag 6 mei

3. De ontsporing maandag 6 mei

“Frank was gelukkig bij Mapei. Hij had die ploeg nooit mogen verlaten.” - Chantal Vanruymbeke (moeder)

VDB scheert hoge toppen in het voorjaar van 1999, bij zijn nieuwe ploeg Cofidis. Maar hij leert er ook dat niet alleen de overwinning roes brengt. Het godenkind begint langzaam maar zeker te ontsporen.

De aanvankelijke trots die Frank voelt om voor het grote Mapei te mogen rijden, slaat stilaan om in overmoed. Frank wil de enige kopman zijn, met een ploeg die helemaal in zijn dienst rijdt. En hij wil de bestbetaalde renner van het peloton worden. Twee dingen die Mapei hem niet kan bieden, maar het Franse Cofidis wel.

Bij zijn nieuwe ploeg heeft Frank het volledig voor het zeggen. Met enkele mooie zeges in een losse, gezellige en vriendschappelijke sfeer lijkt het avontuur een groot succes te zullen worden. Maar stilaan voltrekt zich de ommekeer: de losse sfeer slaat meer en meer om in losbandigheid. Bij Cofidis wordt veel gedronken en gefeest. Frank raakt bevriend met Philippe Gaumont, een renner met veel talent maar een bedenkelijke reputatie. De bad boy introduceert VDB in het wereldje van de seks, drugs en rock-'n-roll. Frank raakt in de ban van Stilnoct, een slaappil die met de juiste dosis alcohol een hallucinerend effect geeft.

Frank wint op overtuigende wijze Luik-Bastenaken-Luik, zijn eerste wereldbekerzege. Niemand die er op dat moment aan twijfelt dat het niet zijn laatste zal zijn. Maar stilaan wordt duidelijk dat het de verkeerde kant uitgaat met de nieuwe topvedette van het wielrennen. Heel zijn omgeving houdt zijn hart vast.

Met getuigenissen van: moeder Chantal, vader Jean-Jacques, oom Jean-Luc, zus Sandra, Nico Mattan, Steve De Wolf, Gilbert Cattoir (mecanicien), Eddy Bielen (financieel adviseur), Patrick Lefevere, Yvan Vanmol, Johan Museeuw, Wilfried Peeters, Dirk Nachtergaele, Lieven Maesschalck, Michel Wuyts en Mark Vanlombeek.


4. De gevallen engel maandag 13 mei

4. De gevallen engel maandag 13 mei

“Frank belde me toen ze hem vrijlieten. Ik weet nog heel goed zijn eerste woorden: ‘Papa, het is gedaan met mij.’” - Jean-Jacques Vandenbroucke (vader)

Bernard Sainz, alias dokter Mabuse, brengt Frank zwaar in de problemen. VDB wordt opgepakt op verdenking van doping. Zijn zorgvuldig opgebouwde imago wordt volledig besmeurd. Frank gaat door een zware depressie en breekt met Clothilde, de mama van zijn dochter. Zonder ambities vertrekt hij naar de Ronde van Spanje. Hij leert er de vrouw van zijn leven kennen.

Na zijn overwinning in Luik-Bastenaken-Luik leeft Frank in 1999 in een roes. Hij feest er op los met zijn nieuwe vriend Philippe Gaumont. Op een ochtend worden de twee opgepakt in een dopingonderzoek naar de Franse ‘wonderdokter’ Bernard Sainz. Frank heeft de man enkele maanden eerder leren kennen en is volledig in zijn ban.

Franks imago, waaraan hij jarenlang zorgvuldig heeft gewerkt, is in één klap volledig besmeurd. Ook al wordt hij vrijgelaten en vrijgesproken, Frank zal het nooit meer echt te boven komen. Hij verzeilt in een zware depressie en enkel drugs en pillen kunnen de pijn verzachten. Familie en vrienden verliezen alle grip en moeten met lede ogen aanzien hoe Frank zichzelf volledig laat gaan.

Frank vertrekt naar de Vuelta om zijn gedachten te verzetten. Maar niet vooraleer hij zijn verloofde Clothilde dumpt. Het nieuws slaat in als een bom. Franks familie kan het niet geloven en nog minder begrijpen. Zonder ambitie zet Frank toch behoorlijke resultaten neer. En dan leert hij Sarah Pinacci kennen, de liefde van zijn leven. Om haar hart te veroveren stijgt hij boven zichzelf uit. Frank lijkt de wereld aan te kunnen, maar hij staat aan de rand van de afgrond.

Met getuigenissen van: moeder Chantal, vader Jean-Jacques, zus Sandra, schoonbroer Sebastien, Nico Mattan, Steve De Wolf, Freddy Viaene, Lieven Maesschalck, Michel Wuyts, Mark Vanlombeek, Gilbert Cattoir (mecanicien), Françoise Deneckere (medewerkster Cofidis) en Jean-Michel Clatot (secretaris supportersclub).


5. Verslaafd aan succes maandag 20 mei

5. Verslaafd aan succes maandag 20 mei

“Je kan niet iemand helpen die geen hulp wil.”- Steve De Wolf (vriend en ploegmaat)

Dankzij een geweldige Vuelta en zijn nieuwe liefde Sarah leeft Frank op wolken. Hij is de grote favoriet op het Wereldkampioenschap in Verona. Maar dan loopt het fout. Sportieve, familiale en liefdesproblemen zorgen ervoor dat VDB steeds verder wegzakt in zijn verslavingen.

Dankzij zijn fantastische prestaties in de Vuelta is Frank dé topfavoriet op het Wereldkampioenschap in Verona. Een vroege val beslist er anders over. Met twee gebroken polsen zevende worden is ongelooflijk, maar voor VDB telt enkel winnen. Na een winter vol feesten en drugs begint Frank in 2000 met veel te weinig kilometers aan het nieuwe seizoen. De druk die hij zichzelf oplegt, wordt alsmaar groter. Te groot.

In het begin van het seizoen kan Frank de schijn nog ophouden, maar al snel voelt hij aan dat het niets wordt. Om zijn eigen falen niet te moeten toegeven, veinst hij de ene blessure na de andere. Meer nog: hij brengt ze zelf toe. Tegelijkertijd zakt VDB steeds verder weg in zijn verslavingen.

Ook de relatie met zijn nieuwe liefde Sarah leidt eronder. Ze vlucht van hem weg. Tot Frank dé oplossing heeft gevonden: ze moeten trouwen. En zo geschiedt. Maar het is een huwelijk in mineur, met vele afwezigen. Komt het ooit nog goed met het godenkind?

Met getuigenissen van: moeder Chantal, vader Jean-Jacques, zus Sandra, schoonbroer Sebastien, oom Jean-Luc, Paul De Geyter, Nico Mattan, Steve De Wolf, Chris Peers, Patrick Lefevere, Wilfried Peeters, Yvan Vanmol, Lieven Maesschalck, Michel Wuyts, Mark Vanlombeek, Gilbert Cattoir (mecanicien), Françoise Deneckere (medewerkster Cofidis), Jean-Michel Clatot (secretaris supportersclub) en Joël Moerman (voorzitter supportersclub).


6. De comeback maandag 27 mei

6. De comeback maandag 27 mei

“Hij zei: ‘Help mij, want ik ben kapot.’” - Jef Brouwers (psycholoog)

Met de hulp van enkele naasten kruipt VDB uit een diep dal. Even ziet het er opnieuw rooskleurig uit; de oude VDB lijkt weer opgestaan. Maar al snel haalt het verleden hem in, en de kwetsbare jongen is niet meer bestand tegen tegenslagen.

Frank verlaat Cofidis voor Lampre, maar zit dieper dan ooit. Hij rijdt er vier koersen, is veel te zwaar en kan niet van de drugs afblijven. Ten einde raad klopt Sarah aan bij sportpsycholoog Jef Brouwers. Frank is aanvankelijk enorm sceptisch, maar laat zich toch helpen. Met vallen en opstaan klimt VDB uit de put. Met dank aan het team rond hem: Sarah, Jef Brouwers, Lieven Maesschalck, Paul De Geyter en Yvan Vanmol.

Frank is back. Zijn tweede vader, Patrick Lefevere, neemt hem weer onder de vleugels. VDB begint prima aan het nieuwe seizoen en na de verkenning van de Omloop Het Volk is iedereen het roerend eens: Frank kan hier winnen. Maar het (nood)lot beslist er alweer anders over. Bernard Sainz duikt opnieuw op, ondanks Franks belofte dat hij de man nooit meer zou zien. Het gerecht ruikt bloed en VDB wordt geslachtofferd. Geboeid wordt de gevallen halfgod voor de camera’s opgevoerd. De doodsteek.

Frank krabbelt moeizaam weer recht, met de hulp van vrouw en dochters. Maar er is iets definitief gebroken, en elke nieuwe tegenslag haalt de kwetsbare jongen onderuit. Voor zijn naasten wordt het langzaamaan duidelijk: deze man kan, hoe graag ze hem ook zien, niet gered worden.

Met getuigenissen van: moeder Chantal, vader Jean-Jacques, zus Sandra, Paul De Geyter, Jef Brouwers, Lieven Maesschalck, Yvan Vanmol, Patrick Lefevere, Wilfried Peeters, Johan Museeuw, Dirk Nachtergaele en Michel Wuyts.


7. De onsterfelijke maandag 3 juni

7. De onsterfelijke maandag 3 juni

“Franks dochter zijn is een godsgeschenk. Hij had heel veel zelfvertrouwen, maar hij was toch ook heel gevoelig.” - Cameron Vandenbroucke (dochter)

Il Bimbo d’Oro is voorgoed verdwenen, VDB is verworden tot een schertsfiguur. Frank fietst voor pijnlijk kleine ploegjes, als hij al fietst. Maar dankzij zijn familie, zijn kinderen en zijn vrienden lijkt Frank weer gelukkig te kunnen worden.

In Franks laatste levensjaren zijn de downs talrijk en de ups schaars. De knipperlichtrelatie met Sarah kent een definitief einde, Frank onderneemt meerdere zelfmoordpogingen en de verslavingen zijn nooit helemaal weg. Zijn familie moet hem ten einde raad laten colloqueren. Hartverscheurende taferelen, het lijden om een verloren zoon.

Maar in zijn laatste levensjaar lijkt de oude Frank terug. Althans de mens, want de wielervedette is al lang niet meer. De ploegjes waarvoor VDB rijdt worden alsmaar kleiner, de contracten alsmaar korter. Maar het contact met ouders en dochter is weer goed. Frank kan weer lachen en genieten. VDB heeft weer geloof en vertrouwen in de toekomst.

Op een blauwe maandag vertrekt Frank naar Senegal. Om nooit meer weer te keren. Iedereen had ooit zijn einde verwacht, maar niemand op dat moment. Franks begrafenis is als een rockconcert, zijn graf een bedevaartsoord. Tot op vandaag is zijn fanbasis ongezien groot. Geen enkele wielervedette kent zo’n godenstatus. VDB is onsterfelijk.

Met getuigenissen van: dochter Cameron, moeder Chantal, vader Jean-Jacques, zus Sandra, Paul De Geyter, Jef Brouwers, Lieven Maesschalck, Yvan Vanmol, Patrick Lefevere, Wilfried Peeters, Johan Museeuw, Dirk Nachtergaele, Nico Mattan, Steve De Wolf, Michel Wuyts, Françoise Deneckere, Jean-Michel Clatot, Joël Moerman, Joachim Schoonacker, Thoma Pieters en Jean-Claude Van Den Berghe.


1. De geboorte van een kampioen maandag 22 april (om 20u55)

“Frank is het grootste talent dat ik tot op heden gezien heb.” - Rony Vanmarcke (juniorencoach)

Frank Vandenbroucke groeit op in Ploegsteert, in de drukke Hostellerie van zijn moeder en de wondere wielerwereld van zijn vader. Al in de jeugdreeksen blinkt hij uit: volgens kenners is hij het grootste talent dat ons land ooit heeft gekend. De verwende jongen met het sterke karakter wordt op handen gedragen. Maar al snel leert hij dat familie en zaken niet altijd samengaan.

Het minste dat we kunnen zeggen is dat het leven van VDB er een was van ups en downs. Alles begon nochtans veelbelovend. Frank komt uit een wielerfamilie. Zijn vader Jean-Jacques is een ex-profrenner en wordt later mecanicien bij de Belgische wielerploeg Lotto-Caloi. Zijn oom Jean-Luc is ploegleider bij diezelfde ploeg. Zijn moeder houdt een café open in het kleine dorpje Ploegsteert waar Frank sinds dag één in het middelpunt van de belangstelling staat.

De kleine Frank is waanzinnig competitief. Hij is de beste in alle caféspelen en kan absoluut niet tegen zijn verlies. Vriendjes interesseren hem niet, met teamsporten stopt hij al snel omdat de rest te slecht is. Hij kiest voor atletiek en wint bij de jeugd alles wat er te winnen valt.

Op zijn 15de vraagt hij zijn eerste wielerlicentie aan. Hij wordt Belgisch kampioen bij de nieuwelingen en de junioren en pakt brons op het WK in Athene. Al snel trekken de profploegen aan zijn mouw. Tegen zijn zin tekent Frank bij Lotto, de ploeg van zijn vader en oom. VDB mikt hoger dan het Belgische ploegje, maar de familie laat hem geen keuze.

Frank is met zijn 19 lentes de jongste neoprof sinds Van Steenbergen. Op training doet hij zijn tien jaar oudere kopman Andrei Tchmil meteen pijn. Oom en ploegleider Jean-Luc moet menig brandje blussen. In zijn eerste rittenkoers, de Ronde van de Middellandse Zee, wordt Frank vierde in de koninginnenrit. “Geen probleem,” zegt Frank, “morgen win ik op de steile Notre-Dame de la Garde in Marseille.”

Met getuigenissen van: moeder Chantal, vader Jean-Jacques, oom Jean-Luc, zus Sandra, Steve De Wolf (jeugdvriend), Rony Vanmarcke (juniorencoach), Jean-Michel Clatot (secretaris supportersclub), Joël Moerman (voorzitter supportersclub), Nico Mattan, Patrick Lefevere, Johan Museeuw, Wilfried Peeters en Michel Wuyts.

2. Il bimbo d'oro maandag 29 april

“Frank heeft het nooit aan de buitenwereld laten zien, maar hij had veel faalangst. Hij had niet het zelfvertrouwen dat hij uitstraalde.” - Yvan Vanmol (ploegdokter)

VDB is de rijzende ster van het peloton. Hyperambitieus, maar dat heeft zijn consequenties. Hij pleegt contractbreuk met Lotto, de ploeg van zijn vader en oom, en dat eindigt zelfs voor de rechtbank. Bij het grote Mapei ontbolstert hij in het peloton. Meermaals wordt hij gered door zijn charisma, maar nog vaker gefnuikt door zijn eigen fysieke en mentale broosheid.

Al na enkele maanden is Frank het beu bij Lotto-Caloi, de ploeg van zijn oom waar ook zijn vader werkt als mecanicien. Hij raakt aan de praat met het grote Mapei en al snel is de zaak beklonken. Alleen: Franks contract loopt nog en Jean-Luc is niet van plan zijn neef zomaar te laten gaan. De familieruzie eindigt voor de rechtbank. Begin april, middenin de voorjaarskoersen, wordt Frank eindelijk renner van Mapei. Niet veel later, in Parijs-Brussel, kruisen Frank en Mapei de degens met Jean-Luc en Lotto.

Frank is meteen graag gezien in zijn nieuwe ploeg. De jongeman is zo charismatisch dat je er niet kwaad op kan zijn, wat hij ook uithaalt. Toch botst het meermaals. Frank is namelijk hyperambitieus. In de Vierdaagse van Duinkerken bijvoorbeeld, waar Johan Museeuw en VDB het tegen elkaar opnemen en voor de eindzege strijden.

Frank barst van het talent, maar hij is ook broos. Door een ongeluk met een rallywagen in zijn kindertijd heeft hij vaak last van zijn knie. Maar ook mentaal is hij soms kwetsbaar. Frank mag dan wel een en al zelfvertrouwen uitstralen, even vaak heeft hij last van faalangst. Franks zege in Parijs-Nice staat op ieders netvlies gegrift, maar achter de schermen hing die overwinning aan een zijden draadje…

Met getuigenissen van: moeder Chantal, vader Jean-Jacques, oom Jean-Luc, zus Sandra, schoonbroer Sebastien, Patrick Lefevere, Yvan Vanmol, Johan Museeuw, Wilfried Peeters, Dirk Nachtergaele, Nico Mattan, Lieven Maesschalck en Michel Wuyts.

3. De ontsporing maandag 6 mei

“Frank was gelukkig bij Mapei. Hij had die ploeg nooit mogen verlaten.” - Chantal Vanruymbeke (moeder)

VDB scheert hoge toppen in het voorjaar van 1999, bij zijn nieuwe ploeg Cofidis. Maar hij leert er ook dat niet alleen de overwinning roes brengt. Het godenkind begint langzaam maar zeker te ontsporen.

De aanvankelijke trots die Frank voelt om voor het grote Mapei te mogen rijden, slaat stilaan om in overmoed. Frank wil de enige kopman zijn, met een ploeg die helemaal in zijn dienst rijdt. En hij wil de bestbetaalde renner van het peloton worden. Twee dingen die Mapei hem niet kan bieden, maar het Franse Cofidis wel.

Bij zijn nieuwe ploeg heeft Frank het volledig voor het zeggen. Met enkele mooie zeges in een losse, gezellige en vriendschappelijke sfeer lijkt het avontuur een groot succes te zullen worden. Maar stilaan voltrekt zich de ommekeer: de losse sfeer slaat meer en meer om in losbandigheid. Bij Cofidis wordt veel gedronken en gefeest. Frank raakt bevriend met Philippe Gaumont, een renner met veel talent maar een bedenkelijke reputatie. De bad boy introduceert VDB in het wereldje van de seks, drugs en rock-'n-roll. Frank raakt in de ban van Stilnoct, een slaappil die met de juiste dosis alcohol een hallucinerend effect geeft.

Frank wint op overtuigende wijze Luik-Bastenaken-Luik, zijn eerste wereldbekerzege. Niemand die er op dat moment aan twijfelt dat het niet zijn laatste zal zijn. Maar stilaan wordt duidelijk dat het de verkeerde kant uitgaat met de nieuwe topvedette van het wielrennen. Heel zijn omgeving houdt zijn hart vast.

Met getuigenissen van: moeder Chantal, vader Jean-Jacques, oom Jean-Luc, zus Sandra, Nico Mattan, Steve De Wolf, Gilbert Cattoir (mecanicien), Eddy Bielen (financieel adviseur), Patrick Lefevere, Yvan Vanmol, Johan Museeuw, Wilfried Peeters, Dirk Nachtergaele, Lieven Maesschalck, Michel Wuyts en Mark Vanlombeek.

4. De gevallen engel maandag 13 mei

“Frank belde me toen ze hem vrijlieten. Ik weet nog heel goed zijn eerste woorden: ‘Papa, het is gedaan met mij.’” - Jean-Jacques Vandenbroucke (vader)

Bernard Sainz, alias dokter Mabuse, brengt Frank zwaar in de problemen. VDB wordt opgepakt op verdenking van doping. Zijn zorgvuldig opgebouwde imago wordt volledig besmeurd. Frank gaat door een zware depressie en breekt met Clothilde, de mama van zijn dochter. Zonder ambities vertrekt hij naar de Ronde van Spanje. Hij leert er de vrouw van zijn leven kennen.

Na zijn overwinning in Luik-Bastenaken-Luik leeft Frank in 1999 in een roes. Hij feest er op los met zijn nieuwe vriend Philippe Gaumont. Op een ochtend worden de twee opgepakt in een dopingonderzoek naar de Franse ‘wonderdokter’ Bernard Sainz. Frank heeft de man enkele maanden eerder leren kennen en is volledig in zijn ban.

Franks imago, waaraan hij jarenlang zorgvuldig heeft gewerkt, is in één klap volledig besmeurd. Ook al wordt hij vrijgelaten en vrijgesproken, Frank zal het nooit meer echt te boven komen. Hij verzeilt in een zware depressie en enkel drugs en pillen kunnen de pijn verzachten. Familie en vrienden verliezen alle grip en moeten met lede ogen aanzien hoe Frank zichzelf volledig laat gaan.

Frank vertrekt naar de Vuelta om zijn gedachten te verzetten. Maar niet vooraleer hij zijn verloofde Clothilde dumpt. Het nieuws slaat in als een bom. Franks familie kan het niet geloven en nog minder begrijpen. Zonder ambitie zet Frank toch behoorlijke resultaten neer. En dan leert hij Sarah Pinacci kennen, de liefde van zijn leven. Om haar hart te veroveren stijgt hij boven zichzelf uit. Frank lijkt de wereld aan te kunnen, maar hij staat aan de rand van de afgrond.

Met getuigenissen van: moeder Chantal, vader Jean-Jacques, zus Sandra, schoonbroer Sebastien, Nico Mattan, Steve De Wolf, Freddy Viaene, Lieven Maesschalck, Michel Wuyts, Mark Vanlombeek, Gilbert Cattoir (mecanicien), Françoise Deneckere (medewerkster Cofidis) en Jean-Michel Clatot (secretaris supportersclub).

5. Verslaafd aan succes maandag 20 mei

“Je kan niet iemand helpen die geen hulp wil.”- Steve De Wolf (vriend en ploegmaat)

Dankzij een geweldige Vuelta en zijn nieuwe liefde Sarah leeft Frank op wolken. Hij is de grote favoriet op het Wereldkampioenschap in Verona. Maar dan loopt het fout. Sportieve, familiale en liefdesproblemen zorgen ervoor dat VDB steeds verder wegzakt in zijn verslavingen.

Dankzij zijn fantastische prestaties in de Vuelta is Frank dé topfavoriet op het Wereldkampioenschap in Verona. Een vroege val beslist er anders over. Met twee gebroken polsen zevende worden is ongelooflijk, maar voor VDB telt enkel winnen. Na een winter vol feesten en drugs begint Frank in 2000 met veel te weinig kilometers aan het nieuwe seizoen. De druk die hij zichzelf oplegt, wordt alsmaar groter. Te groot.

In het begin van het seizoen kan Frank de schijn nog ophouden, maar al snel voelt hij aan dat het niets wordt. Om zijn eigen falen niet te moeten toegeven, veinst hij de ene blessure na de andere. Meer nog: hij brengt ze zelf toe. Tegelijkertijd zakt VDB steeds verder weg in zijn verslavingen.

Ook de relatie met zijn nieuwe liefde Sarah leidt eronder. Ze vlucht van hem weg. Tot Frank dé oplossing heeft gevonden: ze moeten trouwen. En zo geschiedt. Maar het is een huwelijk in mineur, met vele afwezigen. Komt het ooit nog goed met het godenkind?

Met getuigenissen van: moeder Chantal, vader Jean-Jacques, zus Sandra, schoonbroer Sebastien, oom Jean-Luc, Paul De Geyter, Nico Mattan, Steve De Wolf, Chris Peers, Patrick Lefevere, Wilfried Peeters, Yvan Vanmol, Lieven Maesschalck, Michel Wuyts, Mark Vanlombeek, Gilbert Cattoir (mecanicien), Françoise Deneckere (medewerkster Cofidis), Jean-Michel Clatot (secretaris supportersclub) en Joël Moerman (voorzitter supportersclub).

6. De comeback maandag 27 mei

“Hij zei: ‘Help mij, want ik ben kapot.’” - Jef Brouwers (psycholoog)

Met de hulp van enkele naasten kruipt VDB uit een diep dal. Even ziet het er opnieuw rooskleurig uit; de oude VDB lijkt weer opgestaan. Maar al snel haalt het verleden hem in, en de kwetsbare jongen is niet meer bestand tegen tegenslagen.

Frank verlaat Cofidis voor Lampre, maar zit dieper dan ooit. Hij rijdt er vier koersen, is veel te zwaar en kan niet van de drugs afblijven. Ten einde raad klopt Sarah aan bij sportpsycholoog Jef Brouwers. Frank is aanvankelijk enorm sceptisch, maar laat zich toch helpen. Met vallen en opstaan klimt VDB uit de put. Met dank aan het team rond hem: Sarah, Jef Brouwers, Lieven Maesschalck, Paul De Geyter en Yvan Vanmol.

Frank is back. Zijn tweede vader, Patrick Lefevere, neemt hem weer onder de vleugels. VDB begint prima aan het nieuwe seizoen en na de verkenning van de Omloop Het Volk is iedereen het roerend eens: Frank kan hier winnen. Maar het (nood)lot beslist er alweer anders over. Bernard Sainz duikt opnieuw op, ondanks Franks belofte dat hij de man nooit meer zou zien. Het gerecht ruikt bloed en VDB wordt geslachtofferd. Geboeid wordt de gevallen halfgod voor de camera’s opgevoerd. De doodsteek.

Frank krabbelt moeizaam weer recht, met de hulp van vrouw en dochters. Maar er is iets definitief gebroken, en elke nieuwe tegenslag haalt de kwetsbare jongen onderuit. Voor zijn naasten wordt het langzaamaan duidelijk: deze man kan, hoe graag ze hem ook zien, niet gered worden.

Met getuigenissen van: moeder Chantal, vader Jean-Jacques, zus Sandra, Paul De Geyter, Jef Brouwers, Lieven Maesschalck, Yvan Vanmol, Patrick Lefevere, Wilfried Peeters, Johan Museeuw, Dirk Nachtergaele en Michel Wuyts.

7. De onsterfelijke maandag 3 juni

“Franks dochter zijn is een godsgeschenk. Hij had heel veel zelfvertrouwen, maar hij was toch ook heel gevoelig.” - Cameron Vandenbroucke (dochter)

Il Bimbo d’Oro is voorgoed verdwenen, VDB is verworden tot een schertsfiguur. Frank fietst voor pijnlijk kleine ploegjes, als hij al fietst. Maar dankzij zijn familie, zijn kinderen en zijn vrienden lijkt Frank weer gelukkig te kunnen worden.

In Franks laatste levensjaren zijn de downs talrijk en de ups schaars. De knipperlichtrelatie met Sarah kent een definitief einde, Frank onderneemt meerdere zelfmoordpogingen en de verslavingen zijn nooit helemaal weg. Zijn familie moet hem ten einde raad laten colloqueren. Hartverscheurende taferelen, het lijden om een verloren zoon.

Maar in zijn laatste levensjaar lijkt de oude Frank terug. Althans de mens, want de wielervedette is al lang niet meer. De ploegjes waarvoor VDB rijdt worden alsmaar kleiner, de contracten alsmaar korter. Maar het contact met ouders en dochter is weer goed. Frank kan weer lachen en genieten. VDB heeft weer geloof en vertrouwen in de toekomst.

Op een blauwe maandag vertrekt Frank naar Senegal. Om nooit meer weer te keren. Iedereen had ooit zijn einde verwacht, maar niemand op dat moment. Franks begrafenis is als een rockconcert, zijn graf een bedevaartsoord. Tot op vandaag is zijn fanbasis ongezien groot. Geen enkele wielervedette kent zo’n godenstatus. VDB is onsterfelijk.

Met getuigenissen van: dochter Cameron, moeder Chantal, vader Jean-Jacques, zus Sandra, Paul De Geyter, Jef Brouwers, Lieven Maesschalck, Yvan Vanmol, Patrick Lefevere, Wilfried Peeters, Johan Museeuw, Dirk Nachtergaele, Nico Mattan, Steve De Wolf, Michel Wuyts, Françoise Deneckere, Jean-Michel Clatot, Joël Moerman, Joachim Schoonacker, Thoma Pieters en Jean-Claude Van Den Berghe.

De interviews voor de reeks werden afgenomen door Lieven Van Gils, Wouter Heymans (ook eindredacteur) en Stéphane Thirion, sportjournalist bij Le Soir en persoonlijke vriend van de familie Vandenbroucke.

Foto's uit VDB's jeugdalbum
VRTNU VRTNU VRTNU