Spring naar inhoud

Isabelle Gatti de Gamond

de eerste Belgische feministe

© cc
geschreven op 29 mei 2019

De man zal pas vrij zijn als ook de vrouw bevrijd is.

Isabelle Gatti de Gamond

Afgelopen weekend trokken mannen en vrouwen naar de stembus. Intussen zitten de bibliotheken afgeladen vol met blokkende studenten van alle rangen en standen. Dit lijkt vanzelfsprekend, maar dat was niet altijd zo. Daarom brengen wij hulde aan een vrouw die andere vrouwen tot studeren en stemmen bracht: Isabelle Gatti de Gamond.

Het jaar 1839. De vrouw heeft een traditionele plaats in de maatschappij en moet vooral een zorgzame moeder of echtgenote zijn. Onderwijs voor vrouwen is van ondergeschikt belang en heeft vooral aandacht voor huishoudelijke taken. Het zal nog ongeveer 100 jaar duren voordat vrouwen stemrecht krijgen. Maar er is verandering op til, want in Parijs wordt Isabelle Gatti de Gamond geboren.

Isabelle Gatti de Gamond (1839-1905) is zo iemand die niet in één term samen te vatten is: pedagoge, socialiste, vrijdenkster en ze wordt ook de eerste Belgische feministe genoemd.

Haar vroege jaren

Toen Isabelle amper vijftien was, overleed haar moeder. De gezondheid van haar vader was verzwakt en Isabelle werd kostwinner. Ze zette haar studies in België stop en trok naar Polen om als gouvernante te werken. Gelukkig kwam ze bij een Pools aristocratisch gezin terecht dat Isabelles intelligentie en leergierigheid meteen opmerkte. Ze kreeg toegang tot de rijke gezinsbibliotheek, waar ze op eigen houtje Latijn en Grieks leerde en zich verdiepte in filosofische en wetenschappelijke geschriften.

In 1861, op haar tweeëntwintigste, keerde Isabelle terug naar België waar ze haar studies in Brussel voortzette. In 1862 publiceerde ze een vernieuwend magazine: Éducation de la femme. Hierin beschreef Isabelle haar ideeën over de gelijkheid van de vrouw en het nut van het onderwijs. Dat was een groot risico, want destijds bestond er een grote afkeer tegenover les femmes savantes, omdat vrouwen door emancipatie hun vrouwelijkheid zouden verliezen.

Een nieuwe meisjesschool

Dat schrok Isabelle niet af. Ze hield het niet enkel bij schrijven, maar ondernam ook actie. Door haar contacten binnen de ULB (Université Libre de Bruxelles) en het Brussels stadsbestuur slaagde ze erin om een Cours d’éducation voor meisjes op te richten, waarvan ze zelf directrice werd, op amper 25-jarige leeftijd. De school opende in 1864 en bood een uitgebreid lessenpakket aan, vanaf de jongste leerjaren tot voorbereidende cursussen voor de universiteit.

Voor Isabelle was het belangrijk dat godsdienst geen deel zou uitmaken van de opleiding. Godsdienstige vorming behoorde namelijk tot de vrijheid van het gezin. Het Brussels stadsbestuur ging akkoord, in eerste instantie niet om vrouwen te onderrichten, maar om een tegengewicht te bieden aan het katholieke onderwijs.

Isabelle koos voor een opleiding met veel aandacht voor een algemeen wetenschappelijke vorming voor alle vrouwen. Huishoudelijk werk bleef daar een onderdeel van, maar het werd geprofessionaliseerd. Een tweede luik van de opleiding waren morele wetenschappen.

Iedereen was welkom. Zelfs ouders konden hun dochters vergezellen en zo een soort volwassenenonderwijs volgen.

Zonder overdrijving mag worden gezegd dat Isabelle een blijvende stempel heeft gedrukt op het Belgisch onderwijs, met vernieuwingen in theorie en praktijk die tot dan toe ondenkbaar waren. Eigenhandig heeft ze een hele generatie vrouwen opgeleid en gevormd, die hooggeschoold waren en zich feministisch noemden.

Citaat uit 'Wat zoudt gij zonder 't vrouwvolk zijn?' van Monika Triest

Gatticiennes

Om de eerste cursussen in de Cours vorm te geven omringde Isabelle zich met jonge intellectuele vrouwen. Getuigenissen uit die tijd liegen er niet om: Isabelle moet een zeer charismatisch figuur geweest zijn. Iedereen die doceerde of studeerde in haar scholen getuigde over de hoogstaande kwaliteit van de opleidingen. Ze leidde een hele generatie vrouwen op, van alle klassen, met als doel de sociale functie van de vrouw te verheffen door haar inzichten te geven via de wetenschap. ("Élever la fonction sociale de la femme en l'éclairant par la science" was één van haar principes.)

Marie Popelin kreeg ondertussen al drie straten, een plein en een kaai naar haar vernoemd.

Destijds waren er ook veel tegenstanders die spotten met het feit dat vrouwen opgeleid zouden kunnen worden, of erger nog: dat vrouwen uiteindelijk arts of advocaat zouden kunnen zijn. Die spot deerde Isabelle niet. Zij werkte verder aan haar doel: vrouwen tot een zo hoog mogelijk niveau brengen.

Isabelle richtte in tien jaar tijd achttien dergelijke scholen op. De Cours d'éducation vormde een inspiratiebron voor de latere feministische beweging die gedragen werd door een netwerk van afgestudeerden, de gatticiennes. Marie Popelin, de eerste Belgische vrouwelijke doctor in de rechten ooit, was één van hen. Onder de gaticiennes waren ook de eerste vrouw in het parlement Marie Spaak-Janson, politica Louise Coens, schrijfster Marguerite Van de Wiele, publiciste Elise Soyer, pedagoge Augustine De Rothmaler en filosofe Louise Van Duuren.

Isabelle blijft strijdvaardig

In 1900 bereikte Isabelle Gatti de Gamond de pensioengerechtigde leeftijd, maar ze bleef toegewijd. Voor weeskinderen richtte ze een rationalistisch weeshuis op in Vorst.

Op latere leeftijd raakte Isabelle ook meer politiek geëngageerd. Ze begon te strijden voor de rechten van arbeiders en voor gelijkheid van loon en werk. Wat anders was dan bij het begin van haar carrière, want in haar school verdiende de mannelijke concièrge meer dan de vrouwelijke leerkrachten.

Haar politieke ideeën kon ze moeilijk rijmen met het feit dat vrouwen nog steeds niet naar de stembus mochten. Stemrecht voor vrouwen was een logische eis, noodzakelijk zelfs. Haar partijgenoten waren daar niet mee opgezet en Isabelle bleef teleurgesteld achter. Ze zou het uiteindelijk niet meer meemaken, want het vrouwenstemrecht kwam er pas in 1948.

In 1905 overleed Isabelle Gatti de Gamond. Ze wijdde haar hele leven aan de strijd voor gelijke kansen voor vrouwen. Onderwijs, wetenschap en solidariteit waren volgens haar de voorwaarden tot emancipatie. Met deze inzichten droeg Isabelle bij aan de groei van de feministische beweging. Het was een voorwaarde voor een betere toekomst, waarin de stereotypen rond vrouwen doorbroken konden worden. Waarvoor dank, Isabelle.

VRTNU VRTNU VRTNU