Spring naar inhoud

Hannah Arendt

en de banaliteit van het kwaad

© rr
geschreven op 17 januari 2019
Als kind was Arendt zich er niet van bewust dat ze joods was.

De eeuwige outsider

Hannah Arendt is één van de invloedrijkste (politieke) filosofen van de 20ste eeuw. Haar leven lang zou ze denken en schrijven vanuit het standpunt van de outsider.

Ze was geboren en getogen in Duitsland, maar na 1933 was ze voor de Duitsers een volksvreemde jodin. Tijdens de oorlog vluchtte ze naar Frankrijk, maar voor de Fransen was ze een Duitse. Ze werd Amerikaanse, maar delen van de joodse gemeenschap in de VS beschouwden haar als nestbevuiler. Ook in het mannenbastion van de filosofie bleef ze, als vrouw, levenslang een buitenbeentje.

Eichmann in de glazen kooi, links, tijdens zijn proces in Jeruzalem. Hij werd veroordeeld tot de dood door ophanging voor zijn rol in de massamoord op de joden.

In 1961 stuurde het tijdschrift The New Yorker Arendt naar Jeruzalem om verslag uit te brengen over het Eichmann-proces. Nazikopstuk Eichmann stond terecht voor zijn aandeel in de massadeportatie en uitroeiing van de joden tijdens de Holocaust. Arendts artikelen over de zaak werden later gepubliceerd als boek onder de titel Eichmann in Jeruzalem. De banaliteit van het kwaad.

Het is die formulering die destijds veel opzien baarde, en ook vandaag soms fout begrepen wordt. Hoe kon Arendt wat Eichmann had aangericht 'banaal' noemen? Overlevenden van de kampen vonden dat ze (gemotiveerd door anti-zionisme?) op die manier Eichmann vrijpleitte, en het lijden van de joden minimaliseerde.

Is het kwaad banaal?

Maar Arendt wilde dat lijden minimaliseren noch banaliseren. Ze weigerde gewoon om in Eichmann de vleesgeworden satan te zien. Het was namelijk veel erger dan dat.

Eichmann was, zo stelde Arendt tijdens zijn proces vast, gewoon een functionaris die goed functioneerde binnen het systeem. Hij was geen monster, maar een onbenul. Een brave bureaucraat die deed wat hem gezegd werd. Zonder vragen te stellen. Hij kon niet betrapt worden op enige oorspronkelijke gedachte, en bediende zich uitsluitend van gemeenplaatsen en clichés. Hij haatte de joden niet eens met overtuiging, elke passie was hem vreemd.

Met verzengend sarcasme ontzegt Arendt hem de status van misdadig meesterbrein. Eichmann had geen enkele diepgang en was niet demonisch. Het kwaad ontspruit aan de gedachteloosheid van gewone mensen, en niet aan de boosaardige persoonlijkheid van uitzonderlijke sadisten. Dat is de banaliteit van het kwaad: gewone mensen doen, zonder nadenken, verschrikkelijke dingen (of laten ze toe) omdat de heersende ideologie dat vanzelfsprekend maakt.

Men brengt de kinderen naar school, gaat naar kantoor, bestelt de exterminatie van een paar duizend joden, waarna men huiswaarts keert voor het avondmaal, en eventueel later zelfs nog een traantje wegpinkt bij het beluisteren van Bach. Het was, zo bleek uit de feiten, moeiteloos met elkaar te rijmen. Het was onder de nazi's het nieuwe en gruwelijke 'normaal'.

Arendt is streng voor meelopers. "Niemand heeft het recht te gehoorzamen" is haar antwoord op het vaak aangehaalde excuus "Befehl ist befehl". Mensen hebben de plicht om zelf na te denken, zelfs als heel de wereld rondom hen gek geworden is. En ja, denken is gevaarlijk. Maar niet denken is nog veel gevaarlijker.

De ideale onderdanen van het totalitaire bewind zijn niet de overtuigde nazi of de overtuigde communist, maar de mensen voor wie het onderscheid tussen feit en fictie en het onderscheid tussen waar en onwaar niet langer bestaan.

Hannah Arendt

Het succes van sterke mannen

Arendts werk blijft relevant, en dat geldt zeker voor haar klassieke analyse van het totalitarisme in The Origins of Totalitarianism (1951). In tijden van angst en onzekerheid verlangt het volk naar een verlosser; een sterke man die de verwarrende realiteit voor hen behapbaar maakt door haar terug te brengen tot een simpel, logisch klinkend verhaaltje. Het wil een leider die alle antwoorden en een 'vijand' klaar heeft, iemand die hen ontslaat van de pijnlijke plicht om zelf te denken. Trump, Poetin, Erdogan, Orban: wie troost zoekt in het idee dat ze gestoord of dom zijn, doet er goed aan terug te denken aan Eichmann zoals Arendt hem beschreef.

Het geval Eichmann bewijst wat een 'hanswurst' vermag als in de omliggende maatschappij het denken eenmaal is uitgeschakeld en vervangen door een perverse, totalitaire catechismus van kant-en-klare antwoorden. Of die catechismus dan van linkse, rechtse of religieuze signatuur is, doet er niet toe : waar geen ruimte meer is voor andersdenkenden, daar zet men de eerste stappen op weg naar genocide.

De levende lijken van vluchtelingen

Aan het einde van WO I schreef Arendt al over het lot van vluchtelingen, nog een thema dat vandaag bovenaan de agenda staat. Ze zag grote groepen mensen die haveloos in Europa rondzwierven en nergens meer welkom waren. Mensen die dakloos, stateloos, rechtenloos waren. Arendt zou aan den lijve ondervinden wat dat betekent, en het zou haar visie bepalen. Met haar scherpe blik van buitenaf schreef ze: "De krankzinnige massaproductie van lijken in de Nazitijd werd voorafgegaan door de creatie van de levende lijken van vluchtelingen". Zelfs een misdadiger had rechten, gewaarborgd door de natie waar hij toe behoorde. Een stateloze, die geen enkele misdaad begaan had, niet. Hij was rechtenloos, een overbodig mens zonder stem, met wie geen enkele politicus rekening hoefde te houden.

The Spirit of Hannah Arendt

Arendt is iemand die je voortdurend wil citeren. Geen wonder dus dat regisseur Ada Ushpiz er in haar documentaire The Spirit of Hannah Arendt voor koos om de filosofe zo veel mogelijk zelf aan het woord te laten, als briefschrijver, geïnterviewde of auteur. Beelden uit gesprekken met Arendt zelf worden in de documentaire afgewisseld met - vaak onthutsende - archiefbeelden van vluchtelingenstromen of nazipropaganda.

Filosoof Martin Heidegger, leraar en minnaar van Arendt. Hij koos later de kant van de nazi's. Desondanks hernieuwde Arendt het contact in de jaren 50.

De controverse rond Arendts persoon wordt daarbij niet geschuwd. Wwaarom hernieuwde Arendt in de jaren vijftig bijvoorbeeld het contact met haar ex-minnaar en leraar, de filosoof Martin Heidegger, die zich tijdens de oorlog bekend had tot de nazileer? Had Arendt overdreven toen ze wees op de rol van de Joodse raden tijdens deportaties? Hoe stond de ex-zioniste tegenover de nieuwe staat Israël?

VRTNU VRTNU VRTNU