Spring naar inhoud

80 jaar eenzaamheid

De Lykovs, kluizenaars in Siberië

Agafia Lykova - © Siberian Times
geschreven op 15 juni 2017

Op zoek naar een veilig onderkomen, bevreesd voor communistische vervolgingen, trok de Russische Lykovfamilie zich 80 jaar geleden terug in de Siberische wouden. Ze leefden er meer dan 40 jaar verborgen, zonder enig contact met de buitenwereld. Vandaag is er nog één overlevende.

Lees het onthutsende levensverhaal van Agafia Lykova.

Juni 1978: de ontdekking

De Siberische taiga is een onherbergzaam gebied met uitgestrekte naaldboomwouden in het oosten van Rusland. Miljoenen vierkante kilometer bos waar slechts een paar duizend mensen wonen en werken. Hier en daar wat pelsjagers, houthakkers en arbeiders uit de mijnbouw, want het gebied is rijk aan natuurlijke grondstoffen, mineralen en ertsen.

Kaart van Rusland: de ster duidt de Lykov-nederzetting aan
De primitieve hut van de Lykovs

Het was dan ook een ploeg van mijngeologen die tijdens een helikoptervlucht in de zomer van 1978 een vreemde ontdekking deed. Op zoek naar een open landingsplek in de dichte wouden zagen ze tussen de bomen iets wat leek op een moestuin met daarnaast een op het eerste gezicht vervallen hut. De helikopter bevond zich toen ruim 250 kilometer van de dichtstbijzijnde stad en de bemanning was hoogst verwonderd hier sporen van menselijke activiteit aan te treffen.

Omdat de helikopter daar niet kon landen, besloten vier Russische geologen vanuit hun basiskamp tientallen kilometer verderop te voet naar de zopas ontdekte nederzetting te gaan. Ze hadden geschenken bij zich, etenswaren en stukken linnen, naald en draad, vishaken e.d. Eén van de wetenschappers, een vrouw genaamd Galina Pismenskaya, nam veiligheidshalve ook een pistool mee.

Karp Lykov

Ontmoeting

Na een lange tocht kwam de groep geologen aan bij het kampement: een primitieve hut, opgetrokken uit houten palen, takken en boomschors, een bewerkte akker en een voorraadhut met manden van berkenschors. De deur van de woning werd geopend en een oude man met een wilde baard kwam tevoorschijn. Hij was blootvoets en droeg onverzorgde en tot op de draad versleten kleren.

Galina, de vrouwelijke geologe, sprak hem aan: “Dag, opa, wij brengen jou een bezoekje…” Na een lange stilte zuchtte de man: “Wel, nu u hier toch bent, komt u dan maar binnen.”

De bezoekers betraden de hut, een warboel van verzakte houten balken, rommel en een vloer bedekt met aardappelschillen en dennenappels. En dan zagen ze in het halfduister nog meer mensen zitten. Een jonge vrouw begon hysterisch te bidden. Een tweede vrouw, half verborgen achter een paal, zakte neer op de grond en keek angstig in het rond.

De geologen besloten de hut te verlaten tot de bewoners gekalmeerd waren. Na een half uur kwam de oude man naar buiten, gevolgd door de bevreesde vrouwen, die hij voorstelde als zijn dochters. De Russen boden brood en jam aan, maar de vrouwen weigerden. Galina vroeg: “Hebben jullie ooit brood gegeten?” De man antwoordde: “Ik wel, maar zij niet. Ze hebben nog nooit brood gezien.” De hoogbejaarde man sprak Russisch, de vrouwen kirden tegen mekaar in een moeilijk verstaanbaar zangerig taaltje met archaïsche woorden, hun spreken leek op een recitatief gebed.

Agafia en Karp Lykov

Oudgelovigen

De Russische wetenschappers zouden die zomer nog vaker op bezoek komen en stilaan leerden ze de hele familie kennen: vader Karp Osipovitsj Lykov (toen 77 jaar oud), zoon Savin (51), dochter Natalia (44), zoon Dmitri (38) en de jongste dochter Agafia (35). Moeder Akulina was al in 1961 overleden.

Uit de gesprekken die ze voerden kwam de dramatische levensgeschiedenis van de Lykovs naar boven. De familie Lykov was afkomstig uit Tjoemen in het westen van Siberië. Ze behoorden tot de religieuze minderheid van de Oudgelovigen, een afsplitsing van de Russisch-Orthodoxe kerk die teruggaat tot de 17de eeuw. De fanatieke Oudgelovigen verwierpen alle moderniteiten en leefden zoals in de middeleeuwen. Tsaar Peter de Grote stond voor hen gelijk met de antichrist en de hervormingsgezinde patriarch Nikon met zijn ‘duivelse’ voorschrift om met drie vingers een kruisteken te maken was al geen haar beter. De Oudgelovigen bekruisten zich met twee vingers. Drie vingers gebruiken was regelrechte ketterij!

Reeds in het begin van de 20ste eeuw had de familie Lykov gekozen voor een afgezonderd bestaan, samen met enkele gelijkgezinde families, in de afgelegen Siberische regio Chakassië. Ten tijde van Stalin waren de Oudgelovigen het voorwerp van vervolgingen door de communisten. In 1936 werd de broer van Karp Lykov gedood tijdens zo’n schermutseling, waarop Karp besloot te vluchten en de wereld definitief de rug toe te keren.

Dmitri, Savin en Agafia

Vlucht in de taiga

Samen met zijn vrouw Akulina en hun kinderen Savin (toen 9) en Natalia (toen 2) trok hij steeds dieper de Siberische wouden in tot hij uiteindelijk terecht kwam aan een zijtak van de rivier Abakan, honderden kilometers van de beschaafde wereld. Daar vestigden ze zich. Met primitieve middelen bouwden ze een woning. Tussen de bomen legden ze een akker aan waarop ze met zaden van landbouwgewassen, die ze op hun vlucht hadden verzameld, aanplantingen begonnen.

Ze teelden vooral aardappelen, uien en rapen, ook rogge en hennep (de vezels dienden om linnen te weven), verzamelden paddenstoelen, braambessen en andere bosvruchten. Ze visten in de rivier en konden af en toe ook een dier doden, hoewel ze geen jachtwapens hadden. Het dieet was pover en eenzijdig en grotendeels afhankelijk van de aardappeloogst. Toen in 1961 de oogst mislukte stierf moeder Akulina de hongerdood. Intussen waren er nog twee andere kinderen bijgekomen: Dmitri en Agafia.

Het leven was hard en eenzaam en stond vooral in het teken van ‘overleven’. De kinderen leerden lezen en schrijven, een competentie waar ze erg trots op waren. De enige lectuur die ze hadden, waren religieuze boeken. Vandaar hun archaïsche spraak en zangerige gebedstoon. En de lettertekens die ze gebruikten waren Oudslavisch, gebruikelijk voor de liturgie van de Oudgelovigen.

Van wilde dieren hadden ze niet al te veel te vrezen. Er zwierven wel eens beren, lynxen en wolven rond, maar het meeste last hadden de Lykovs van eekhoorns die hun voorraad cedernoten kwamen plunderen.

(lees verder onder de foto)
De Siberische taiga in de winter

Hitler?

Vader en moeder vertelden over de boze buitenwereld, maar behalve de oudste Savin hadden de kinderen geen besef hoe die buitenwereld er uitzag. Toen de Russische geologen in 1978 verschenen, waren dat de eerste mensen die de Lykovs sinds 42 jaar ontmoetten. En voor de jongste kinderen zelfs de allereerste keer dat ze überhaupt andere mensen zagen.

De Tweede Wereldoorlog was gepasseerd zonder dat de Lykovs dat gemerkt hadden. Over Hitler hadden ze nooit gehoord en tot hun opluchting was Stalin intussen overleden. De maanlanding van ’69 leek hen een fantasieverhaal, hoewel vader Lykov begreep dat de ‘bewegende sterren’ (satellieten) die hij soms zag passeren van menselijke oorsprong moesten zijn.

De ontmoeting met de Russen was enerzijds een zegen voor de Lykovs, ze kregen nieuwe kledij, gebruiksvoorwerpen en de mensen die hen vanaf dan af en toe een bezoek brachten (mijnarbeiders en journalisten) schonken voedsel (zout, een lekkernij voor de Lykovs!), landbouwzaden en andere nuttige artikelen. Anderzijds betekende het contact met de buitenwereld ook dat de Lykovs nu plots geconfronteerd werden met allerlei ziektekiemen. In het najaar van 1981 stierven drie familieleden binnen een periode van 3 maanden: de oudste zoon Savin en dochter Natalia kregen buikproblemen en de andere zoon Dmitri overleed aan een longontsteking, mogelijk door besmetting van buitenaf.

Overigens woonden de broers Dmitri en Savin al jaren apart tijdens de zomer in een tweede hut nabij de rivier. Dat was een beslissing geweest van vader Karp, waarschijnlijk omdat het met zijn zessen iets te krap wonen was in de ouderlijke hut, zeker tijdens de hete zomers, maar mogelijk ook om het risico op bloedschande tussen de volwassen broers en hun zussen te vermijden.

Agafia Lykova in haar hut

Het jaar 7486

Karp en Agafia weigerden al die tijd om te verhuizen hoewel ze hulp aanvaarden om een nieuwe blokhut te bouwen. Nieuwerwetse uitvindingen wezen ze af als zondig. Zelfs lucifers of een aansteker wilden ze niet hebben: ze maakten vuur met een vuursteenslag. In tegenstelling tot wat je zou denken aanvaardden ze wel een zaklamp met een batterij. In het kamp van de geologen keken ze wel eens naar televisie, gefascineerd, maar tegelijk in het besef dat het duivels was. Vreemd genoeg was Karp het meest getroffen, niet door de televisie of de helikopter, maar door plastic folie: “Mijn God, wat hebben ze niet bedacht: glas dat je kunt kreuken!”

Agafia bladert door een oud gebedenboek

Een voorname taak van dochter Agafia was de tijdrekening. Zij hield de kalender bij en kon zo de grote feestdagen van de orthodoxe godsdienst – uiteraard de Oudgelovige strekking – aanduiden, een levensbelangrijk iets voor de diepgelovige Lykovs. En daarbij maakte ze gebruik van de traditionele tijdrekening vanaf de schepping van Adam: de eerste ontmoeting met de Russische geologen (15 juni 1978) gebeurde volgens haar op 2 juni 7486. Aanvankelijk was de tijd bijhouden een taak die broer Savin op zich nam, zonder notities, louter vertrouwend op zijn fenomenaal geheugen en een oud liturgisch boek. Grote paniek brak uit toen Savin op een bepaald moment een rekenfout had gemaakt. Gelukkig kon de jongere Agafia de fout herstellen en ‘de Tijd terug vastgrijpen’.

Een Russische journalist Vasily Peskov, die verschillende artikels en een boek heeft geschreven over de familie Lykov, noemde het tijdsysteem van Agafia zeer ingewikkeld en voor een buitenstaander compleet onbegrijpelijk. Dankzij de publicaties van Peskov werden de Lykovs in Rusland beroemd, maar doordat ze zo afgelegen woonden, hoefden ze niet te vrezen voor een overrompeling van nieuwsgierige toeristen. Wel kwamen enkele geïnteresseerde taalkundigen langs om het archaïsche Russisch en Oudslavisch van de Lykovs te bestuderen.

Agafia bij de helikopter

Familie

In 1985 zochten verre familieleden van de Lykovs contact met hen en nodigden hen uit. Vader Karp weigerde pertinent de taiga te verlaten. Via via werd geregeld dat Agafia op bezoek zou komen. Zij moest daarvoor zelfs met het vliegtuig, de trein en per auto reizen. Ze logeerde een maand bij haar familie, maar keerde nadien terug naar haar vertrouwde hut. Wat had op haar het meest indruk gemaakt? De trein (‘een huis op wielen’) en de paarden! Ze had vroeger nooit een paard in levenden lijve gezien.

Het gebeurde ook wel eens dat Oudgelovige christenen de Lykovs kwamen opzoeken, maar die ontmoetingen liepen meestal uit op ruzie over religieuze pietluttigheden, zoals het al dan niet gebruiken van melkpoeder, conserven of gelijk welke verpakking met een barcode (die streepjes zijn het teken van duivel, volgens de Lykovs). De Oudgelovigen vertrokken telkens teleurgesteld. Het bevestigde alleen maar het beeld dat Karp had van de boze, duivelse buitenwereld waar zelfs de Oudgelovigen het rechte pad hadden verlaten.

Agafia bij het graf van haar vader Karp Lykov

Vader Karp was 87 jaar oud toen hij in 1988 stierf. Al die tijd was hij trouw gebleven aan zijn geloof dat hij met veel toewijding aan zijn dochter had overgedragen. Na zijn dood bleef Agafia helemaal alleen achter. De geologen die haar bezochten, trachtten haar te overreden om de taiga te verlaten en een veiliger en comfortabeler onderkomen te zoeken, maar Agafia weigerde: “Mijn lot ligt in de handen van God.”

Getrouwd?

In 1989 kreeg de journalist Peskov het verbijsterende bericht dat Agafia getrouwd was. Hij reisde naar de taiga om na te gaan wat er van waar was. Het bleek dat een Oudgelovige oudere man Agafia had opgezocht en voorgesteld om bij haar in te trekken én te huwen. De wittebroodsweken werden echter voortijdig afgebroken, stukgelopen op misverstanden en twisten, hoogstwaarschijnlijk ook op de weigering van Agafia om het huwelijk daadwerkelijk te consumeren (‘zonde!’). Na enkele weken was de ‘verloofde’ vertrokken.

Agafia Lykova en Jerofei Sedov

Agafia had intussen toch weer gezelschap, nu van één van de mijnarbeiders die hen kort na hun ontdekking in 1978 was blijven bezoeken: Jerofei Sedov. Hij was al die jaren geregeld langs gekomen en vestigde zich uiteindelijk in een hut aan de rivier op wandelafstand van de woonplek van Agafia. Hij stierf in 2015. De relatie tussen de twee was dubbelzinnig, ze hielpen mekaar waar nodig, maar blijkbaar zijn er ooit ‘zondige’ toenaderingspogingen van Sedov geweest, zo vertelde Agafia naderhand. De vraag is of er ook écht iets gebeurd is. In de gedachtenwereld van Agafia is zowat àlles ‘zondig’.

Agafia in de winter 2016-2017

En nu?

In het voorjaar van 2016 is Agafia behandeld aan haar been voor een lang aanslepende aandoening. Ze had zelf hulp ingeroepen via een satelliettelefoon, die ze na sterk aandringen had aanvaard. Ze werd overgevlogen naar een ziekenhuis in Siberië. Nadat ze genezen werd verklaard, is ze terug gereisd naar de taiga, haar motto indachtig: “Waar je geboren bent, ben je thuis.”

Volgens de allerlaatste inlichtingen, ingewonnen uit Rusland (voorjaar 2017), zou Agafia, nu 73, nog altijd gezond en wel leven in haar hutje. De voorbije zomer is een team nogmaals bij haar langs geweest met voedselpakketten en hulpgoederen. Ze heeft intussen weer eens het gezelschap gekregen van een Oudgelovige kameraad. Vraag is of dat goed zal aflopen…


VRTNU VRTNU VRTNU