Spring naar inhoud

Pin-up van de 18de eeuw

La belle Morphise

François Boucher: Jeune fille couchée (1752) - © Alte Pinakothek, München
geschreven op 01 oktober 2016

Niet dat wij er ooit eentje gekocht hebben, zelfs niet in gebladerd, maar naar verluidt viert de Playboy zijn verjaardag. Het eerste nummer verscheen op 1 oktober 1953 met niemand minder dan Marilyn Monroe op de cover.

Marilyn Monroe
Naakt

Marilyn was zeker niet de allereerste pin-up-girl. Het afbeelden van naakten is zo oud als de straat, maar meestal gebeurde dat in een context: Eva in het aards paradijs of de kuise Suzanna in Bijbelse taferelen, de godin Venus of de Sabijnse maagden in klassieke mythologische voorstellingen… Hoewel de omkaderende voorstelling soms niet veel meer was dan een aanleiding, zelden werd ‘naakt om het naakt’ voorgesteld.

Pieter Paul Rubens: Het pelsken (1638)

En zelfs dan bleef het bloot altijd behoorlijk braaf, bijna preuts, denk maar aan Het pelsken, het beroemde naaktportret van de jonge Helena Fourment door haar man Pieter Paul Rubens. Dat was trouwens oorspronkelijk een privaat werk, bestemd voor de slaapkamer van het echtpaar en dus niet voor de ogen van derden.

Libertijns

Daarin kwam verandering in de 18de eeuw toen sommige kunstenaars zonder gêne naakte vrouwen gingen schilderen. Die libertijnse geest zien we vooral in de Franse kunst. Eén van de meest bekende erotische portretten is dit: Jeune fille couchée, geschilderd door François Boucher.

Portret van François Boucher (1741)

François Boucher (1703-1770) was een exponent van de rococo, de elegante, luchthartige, sensuele stijl die erg in trek was aan het Franse hof in Versailles omstreeks 1750, tijdens de regeerperiode van koning Lodewijk XV. Vandaar dat we ook wel spreken over de Louis Quinze-stijl.

Rond 1751 maakte Boucher zijn voorstelling van een liggend naakt meisje in een wel erg sensuele pose. Het model was de jonge Marie-Louise O’Murphy, toen 14 à 15 jaar oud. Marie-Louise was een telg uit een Franse familie met Ierse roots. Haar ouders waren niet bepaald van onbesproken gedrag: vader Daniel had in de gevangenis gezeten wegens spionage en afpersing, moeder Marguerite bracht een tijd door achter de tralies op beschuldiging van diefstal en prostitutie. De vier oudere zussen van Marie-Louise waren al evenmin doetjes: twee van hen volgden het Franse leger tijdens een campagne in Vlaanderen. Om het onomwonden te zeggen: ze waren soldatenhoertjes. Volgens een politieverslag waren ook de twee andere zussen actief als ‘femme du monde’.

François Boucher: eerste versie van Jeune fille couchée (1751)
Benen en dijen

Of de jongste dochter Marie-Louise O’Murphy ook een ‘beroeps’ was, weten we niet. Maar ze poseerde wel zonder schroom voor de schilder Boucher. Het portret dat ook wel La belle Morphise genoemd werd, kwam onder de ogen van niemand minder dan Casanova, die in zijn memoires Histoire de ma vie vertelt over het naaktportret van O’Morphi. Hij schrijft hetvolgende: “De bekwame artiest had haar benen en dijen zo geschilderd dat het oog niet kon wensen om meer te zien…”

François Boucher: tweede versie van Jeune fille couchée (1752)

Het schilderij, waarvan overigens twee bijna identieke versies bestaan (in Keulen en München), kwam in het bezit van iemand uit de koninklijke entourage en zo kreeg ook koning Lodewijk XV het te zien. Geïntrigeerd door de schoonheid van het model drong hij erop aan haar te ontmoeten. Blijkbaar beantwoordde het meisje aan de koninklijke smaak, want al gauw installeerde Lodewijk haar als Petite Maîtresse in de omgeving van Versailles.

De markies van Argenson beschrijft in zijn dagboeken hoe een kamerheer van de koning de opdracht kreeg de jonge Marie-Louise (une petite fille qui servait de modèle chez Boucher) te gaan ophalen in Parijs en haar naar Versailles te brengen. Tegelijk moest hij discreet informeren of ze nog maagd was.

Harem

Marie-Louise O’Murphy werd gehuisvest in het Parc aux Cerfs (hertenkamp), een nieuwe woonwijk vlakbij het paleis van Versailles. Deze wijk, nu bekend als het Quartier Saint-Louis, lag rondom de nieuwe kathedraal van Saint-Louis en bevatte vooral woningen van leden van de koninklijke hofhouding: muzikanten, juristen, dokters, officieren, stalmeesters, lakeiën en andere personeelsleden van het paleis.

François Boucher: Madame de Pompadour (1756)

En ook één of meerdere maisons d'accueil, de huizen waar de Petites Maîtresses van de koning woonden, zeg maar zijn persoonlijke harem. Petite Maîtresse, dat wil dus zeggen dat er ook een Grande Maîtresse was? Inderdaad, dat waren courtisanes die een haast officiële status hadden en die vaak een grote rol speelden in de politiek. Ze hadden ook een vinger in de pap bij allerlei benoemingen. De bekendste Grande Maîtresse van Lodewijk XV was de beruchte Madame de Pompadour. Deze koninklijke minnares woonde in het paleis van Versailles, als was ze de koningin zelve.

Het 'maison d'accueil' van Marie-Louise in Versailles

De kleine Marie-Louise O'Murphy was amper 15 jaar oud toen ze de minnares werd van Lodewijk die toen 42 was. Ze raakte al gauw zwanger, maar in de zomer van 1753 kreeg ze een miskraam wat haar bijna fataal werd. Het bracht de koning dichter bij haar, wetende dat zijn geliefde Marie-Louise bijna het leven had gelaten 'en service du roi'. Een jaar later op 30 juni 1754 schonk Marie-Louise dan toch het leven aan een gezonde dochter die Agathe-Louise werd gedoopt. De koninklijke bastaard werd ingeschreven in de parochieregisters onder een fictieve naam en werd onmiddellijk overgebracht naar een klooster, waar het kind verder zou opgroeien. Het is niet bekend of Marie-Louise haar dochter ooit heeft terug gezien.

François Boucher: schets voor Jeune fille couchée (1751)
In ongenade

Wat er hierna gebeurd is, weten we niet precies. Maar de petite Marie-Louise moet ergens een cruciale fout hebben begaan. Was ze té ambitieus en heeft ze gepoogd de rol van de grande Madame de Pompadour over te nemen? Heeft ze - tegen de wil van de koning - toch getracht contact te houden met haar dochtertje, het onwettige koningskind? Feit is dat ze in november 1755 uit Versailles werd verdreven: midden in de nacht kreeg ze het bevel haar huis in het Parc aux Cerfs te verlaten en naar Parijs af te reizen. Daar moest ze huwen en gehoorzamen. Point final! Zo ging dat met jongedames die hun plaats niet kenden en in ongenade waren gevallen.

 Gravure naar François Boucher (1761)

Het was Madame de Pompadour die het huwelijk had gearrangeerd en zo haar rivale aan de kant schoof. De zorgvuldig uitgekozen echtgenoot was Jacques de Beaufranchet, heer van Ayat, een lagere edelman met een goede reputatie als militair, maar ongefortuneerd. Hij gehoorzaamde maar wat graag aan het bevel om te huwen met de knappe Marie-Louise, die trouwens een ruime toelage ontving van de koning.

In oktober 1756 bracht Marie-Louise een dochter ter wereld: Louise Charlotte, die op jonge leeftijd zou sterven. Een jaar later sneuvelde Jacques de Beaufranchet op het slagveld van Rossbach, waar het Franse leger van Lodewijk XV werd verslagen door de Pruisen van Frederik de Grote. Enkele weken na de dood van haar man werd Marie-Louise weer moeder, ditmaal van een zoon: Louis Charles. Hij zou later carrière maken in het leger en generaal worden.

In 1759 hertrouwde de jonge weduwe - ze was nog maar 22 jaar - met François Nicolas Le Normant, graaf van Flaghac. Via haar echtgenoot werd ze zo aangetrouwde familie van Madame de Pompadour. Blijkbaar verbeterde dankzij dit huwelijk haar verstandhouding met de koning, want er is sprake van een hernieuwde relatie met de vorst omstreeks 1767. Nog geen jaar later kreeg ze opnieuw een kind, Marguerite Victoire. Bepaalde bronnen suggereren dat dit - net zoals haar eerste dochter - een onwettig kind was van Lodewijk XV. Alleszins ontving Marie-Louise aanzienlijke geldsommen vanwege de koning van zodra dat Marguerite Victoire de kinderjaren ontgroeid was en dus geen gevaar meer liep op kindersterfte. Blijkbaar wou de koning zijn dochter en haar moeder verzekeren van een comfortabel leven.

Michael Farrell: Miss O'Murphy (1978)

Graaf Le Normant stierf in 1783 en Marie-Louise, nu met de titel van gravin, ontving een royaal weduwepensioen. Ze overleefde de Franse revolutie, huwde nog een derde maal met ene Louis Philippe Dumont de la Rochelle, een jonge jurist en politicus, maar scheidde al gauw. Ze overleed uiteindelijk in 1814 in Parijs op 77-jarige leeftijd. Haar naam raakte in de vergetelheid, maar haar portret als jong meisje is nog altijd een sensueel icoon.

VRTNU VRTNU VRTNU