Spring naar inhoud
tot 12 maart op vrt nu

Lukas Dhont over zijn kortfilm 'L'infini'

Bekijk Lukas Dhont over zijn kortfilm 'L'infini' op

Het gaat hard voor Lukas Dhont. Zijn langspeelfilm Girl werd vorig jaar op het filmfestival van Cannes alom bejubeld. Sinds hij de Camera d'Or mee naar huis mocht nemen wordt het alleen maar drukker. Het voorbije weekend kreeg de film nog enkele Magrittes en dinsdagavond 5 februari ontving hij uit handen van Vlaams minister voor Cultuur Sven Gatz de Ultima 2018 voor Film. Veel ruimte om aan een nieuw project te werken heeft hij nog niet.

Voor Canvas online nam hij even de tijd om over zijn kortfilm L'infini te praten. Met deze film won hij in 2014 de Prijs voor de Beste Belgische Studentenfilm op het Film Fest Gent. Zondagavond 10 februari kan je die bekijken op Canvas, en vervolgens nog een maand op VRT NU.

Lukas Dhont

Wanneer is bij jou die passie voor film ontstaan?

Lukas Dhont: "Dat was toen ik heel jong was. Mijn moeder was, en is, een enorme filmfan. Ze ging heel vaak naar de cinema en babbelde daar ook veel over. Door het effect dat film op haar hadden, hoe dat haar bewoog, hoe ze daarmee omging, hoe haar dat raakte, hoe ze daardoor overweldigd was, dacht ik ‘ik wil dat effect ook kunnen hebben op mensen'. Vrij snel heb ik een camera gekregen en ben ik beginnen filmen. Ik ben mensen beginnen regisseren en film heeft mij nooit meer losgelaten."

Met L'infini won je in 2014 de prijs voor de Beste Belgische Studentenkortfilm op Film Fest Gent. Hoe ben je tot deze kortfilm gekomen?

"L'infini was mijn masterfilm aan het Kask, School of Arts in Gent. Ik had tijdens mijn bachelor Corps perdu (2012) gedraaid. Dat was mijn allereerste echte fictie-kortfilm. In mijn master wou ik uitzoeken hoe ik met acteurs zou kunnen werken en hoe ik een verhaal zou kunnen vertellen zonder heel concrete narratieve elementen te geven.

Met Corps perdu had ik een heel klassiek verhaaltje opgebouwd van a naar b naar c. Met L’infini wou ik op zoek gaan naar een soort atmosfeer, een gevoel. Ik zat in een experimentele fase en op een bepaald moment zag ik een dansvoorstelling van Jan Martens, een zeer goede choreograaf uit het Antwerpse. Die dansvoorstelling heette Victor. Die is nu niet meer te zien. Dat was een voorstelling over een man en een kind. De relatie tussen die twee is niet specifiek bepaald en het spanningsveld wisselt voortdurend tussen een soort bruuske hardheid en een enorme tederheid, bijna seksualiteit. Het was een heel spannende voorstelling die me enorm inspireerde, vooral omdat we geen uitleg hadden gekregen. Wij waren gewoon naar twee lijven aan het kijken die communiceerden door de manier waarop ze zich bewogen."

"Ik wist wel dat ik enkele elementen zou moeten toevoegen, want film is natuurlijk film. Dat is een ander medium dan dans, maar ik wou wel die sfeer behouden. Ik wou daarmee aan de slag. De man uit Victor, de danser Steven Michel, is ook de acteur in L’infini. Ik werkte samen met Jan Martens. We hebben een heel concrete verhaallijn uitgezet over iemand die terugkeert in het leven van een jongen. Hierdoor konden we met al die ladingen werken die zich tussen die twee afspelen. Voor mij is L’infini veel abstracter dan wat er concreet te zien is. Het gaat over de strijd tussen man en vrouw, de strijd tussen mannelijkheid en vrouwelijkheid, de strijd tussen een bruuskheid en een zachtheid."

Leonard Van Iseghem in 'L'infini'

Had je naast het verhaal en het werken met acteurs nog andere uitdagingen voor ogen? Het vormelijke is zeer belangrijk. Alles is bijna close of extreem close gefilmd.

"Ik wou in de film heel graag het perspectief van de jongen aannemen. Ik had het gevoel dat je op die leeftijd niet alles begrijpt wanneer je twee volwassenen ziet communiceren. Die situaties hebben een bepaalde abstractie en ik wou die abstractie vertalen in de beeldtaal. Ik wou dat de film soms zo fragmentarisch wordt dat die dreigt in een abstractie te vervallen.

Ik wou ook voor de eerste keer alles zelf doen. Ik had dat voor Corps perdu gedaan, maar dit was iets anders. Corps perdu was uiteindelijk een gemakkelijkere film. Maar én een team leiden én acteurs regisseren én beelden maken én de productie een klein beetje zelf doen - want dat doe je dan met studentenfilms - ja, die druk van alles tegelijkertijd was bij L’infini wel intens. Het is wel een film waarmee ik veel heb afgezien. Door stress en druk en … Pas op, Girl was ook een enorme stress, ook plezant, maar niet zoals de stress bij L’infini. Daar was het echt extreem."

De titel L'infini wordt niet echt verduidelijkt. Het is een bijna mythische vertelling over geven, nemen, afstoten en aantrekken.

"Ja. Ik vond L'Infini ook een bijzonder leuke titel omdat de film een soort onafgewerkt ding is. Het is een soort experiment dat we naar het scherm gebracht hebben. Er zijn veel dingen onaf voor mij, en tegelijkertijd is die cyclus eindeloos en is er die oneindige verbinding tussen de mensen waarvan we alleen maar weten dat ze verwant zijn."

Leonard Van Iseghem en Steven Michel in 'L'infini'

Door de gefragmenteerde vorm vraag je je soms af waar je als kijker in het verhaal van de film zit?

"Ik wou dat alles in een soort mist hing, waardoor het idee van locatie of tijd iets ongrijpbaars werd. Waardoor alles evengoed het heden of het verleden of het wat gaat komen zou kunnen zijn. Je weet niet echt waarvan de man terugkeert, maar blijkbaar wel van een plek waar hij iets mis heeft gedaan. Ook dat zou een soort cyclus kunnen zijn. Je weet niet goed of hij het opnieuw doet of dat het juist de scènes zijn waardoor hij daar beland is. Ik wou iets doen waar dat allemaal niet zo duidelijk was. Daardoor was L’infini voor veel mensen ook een moeilijker kortfilm dan Corps perdu."

Hoe krijg je je cameraman in zo’n mist?

"De cameraman Rik Zang is echt wel zeer ambitieus. Hij is gepassioneerd door cinema, iemand die zijn beelden absoluut top wilt hebben. En het is altijd goed met zo’n mensen te werken. Dan weet je dat het mensen zijn die tot het uiterste gaan om te krijgen wat jij en zij willen. Met Rik was dat het geval. Dat was een heel uitdagende shoot. Het was enorm kou, we hadden zes dagen om alles te draaien en bijna geen budget. De film was mijn kind, dat was een enorme uitdaging. Rik heeft ons daar mee doorgetrokken. We hadden ook het voordeel dat er enorm veel mist hing. Soms schrijf je dingen en dan krijg je die dingen, en soms gaan de dingen mis. Maar af en toe krijg je iets anders in de plaats. En bij L’infini was dat absoluut de mist.

We draaiden vaak meerdere takes, maar altijd andere. Als je mijn rushes bekijkt zal je zien dat elke opname anders is. Zelfs waar de acteurs staan. Het is niet zo dat ze op dezelfde plek blijven staan terwijl wij de camera veranderen. Zo heb ik nog nooit gewerkt."

Gooi je dan veel in de afvalbak na een montage?

"Ongelooflijk veel. Bij Girl was dat niet normaal. Wat daar allemaal gedraaid is maar niet in de film zit, dat is gigantisch. Een goed monteur is essentieel. Iemand die mee helpt te kiezen wat wel en wat niet. Die al die stenen helpt samenleggen. Bij L’infini was het niet gemakkelijk omdat er tijdens de shoot veel dingen anders waren gelopen dan we verwacht hadden. In de montage moesten we hercreëren. Dat moet je altijd doen. Montage is altijd het herschrijven van de twee andere fases van het filmmaken - het scenario schrijven en de opnamen - maar bij deze was het wel extreem."

Wat betekent zo’n kortfilm die in de prijzen valt?

"Dat is een visitekaartje. Mensen hebben L’infini gezien en vinden die heel interessant of net niet. Dan willen ze met je werken, of juist niet. Het idee voor Girl zat al sinds 2009 in mijn hoofd en ik ben dat tijdens mijn masterjaar bij de producent gaan pitchen. Die heeft de kortfilm gezien en dan zijn we samen in zee gegaan om Girl te maken. Dus het is wel een soort referentie voor wat je als filmmaker interessant vindt en op welke manier je dat aan het onderzoeken bent."

Zijn er films die jou beïnvloeden?

"Ik heb enorm veel films waar ik naar kijk en terugkijk die mij inspireren, maar die niet toepasselijk zijn op mijn stijl. Al die films creëren heel specifieke universa. Ik ben een enorme fan van Yorgos Lanthimos, de Griekse regisseur die nu scoort met The favourite. Zijn Griekse films Dogtooth en Alps zijn echt fenomenaal. Ik hou ook veel van Chantal Akerman, Darren Aronofsky, Gus Van Sant, Todd Haynes, Gregg Araki, John Cassavetes, Alfred Hitchcock. Het is een heel uiteenlopend lijstje, maar door naar cinema te kijken ben ik geïnspireerd om zelf cinema te maken.

Ik zou heel graag op pellicule draaien. Ik zie wanneer iets op pellicule is gedraaid. Dat trekt me aan. Omdat het een enorme fysicaliteit heeft. Qua kleur, qua beeld, qua beeldtextuur gaat er voor mij niets boven film. Ik zou dat heel graag doen, maar ik weet wat de implicaties daarvan zijn. Een tragere manier van draaien, een meer geconcentreerde manier van draaien misschien. Duurder, er komen dingen bij kijken die zeker anno 2019 zaken zijn waar je als regisseur echt voor moet vechten."

Bekijk 'L'infini' hier

VRTNU VRTNU VRTNU