Spring naar inhoud

De maffia, erfgoed waar Italië níét trots op is

geschreven op 09 juli 2015

Onze vierde reis voor Kleine helden brengt ons naar Italië. Het is amper te geloven, maar tot vóór 1980 kon je hier gewoon ongestraft lid zijn van de maffia.

door de Vranckx-redactie

Wij kruisen op onze reis de wegen van twee van die maffiabendes in Sicilië en Napels: de Cosa Nostra en de Camorra.

De Cosa Nostra: van bloedrood naar groene energie

Onze eerste halte is Sicilië. Hier proberen onze eerste twee helden, Ignazio Cutrò en Pino Maniaci, op hun manier het hoofd te bieden aan de plaatselijke maffiafamilies. Die families horen bij de Cosa Nostra, waarschijnlijk de beruchtste én oudste maffiabende van Italië.

In de jaren tachtig bonden Giovanni Falcone en Paolo Borselino de strijd aan met de Cosa Nostra. Ze moesten het allebei bekopen met hun leven

**De Cosa Nostra houdt Sicilië al sinds de negentiende eeuw in een wurggreep. **Hard optreden van de overheidsinstanties heeft hun macht echter aan het wankelen gebracht. In de jaren tachtig bonden magistraten als Giovanni Falcone en Paolo Borselino de strijd aan met de Cosa Nostra. Ze moesten het allebei bekopen met hun leven in 1992, toen hun wagens werden opgeblazen. Een praktijk die de maffia vandaag de dag nog toepast, zo bleek bij onze held Pino Maniaci.

Bij bomaanslagen van de Cosa Nostra op verschillende toeristische trekpleisters in Italië vielen in de jaren negentig tien doden. Die vergeldingsactie op de arrestatie van opperbaas “capo dei tutti capi” Salvatore Riina zou uiteindelijk een laatste stuiptrekking op het publieke toneel zijn. De Cosa Nostra ging ondergronds om te overleven.

Falcone en Borsellino kijken toe vanop Pino's muur

Vandaag de dag moordt de Cosa Nostra veel minder dan in de voorbije decennia. **De bende is beginnen ondernemen: in de drugshandel, maar ook in de bouwsector, de voeding, de afvalindustrie en de groene energie. **Legale projecten waar de maffia, met behulp van stromannen, zwart geld kan witwassen. Biolabels op conventioneel geteelde groenten kleven, subsidies aanvragen voor inactieve windmolens of gewoon een prestigieus wijnbedrijf als l’Abbazia Santa Anastasia opkopen: het brengt miljoenen euro’s op, en valt veel minder op dan spectaculaire afrekeningen.

De Cosa Nostra mag de voorbije decennia dan wel zware klappen gekregen hebben, ze is allerminst dood

Een voorbeeld? Tussen 2006 en 2009 ontving een energiebedrijf in handen van de Cosa Nostra 3 miljoen euro van de Siliciaanse overheid. Toen Vito “de heer van de wind” Nacastri gearresteerd werd, een stroman tussen de overheid en de Cosa Nostra, werd zo’n 1,5 miljard euro aan bedrijven, onroerend goed en snelle auto’s geconfisqueerd.

De Cosa Nostra mag de voorbije decennia dan wel zware klappen gekregen hebben, ze is allerminst dood.

De Camorra: rommel, voedsel en rommelvoedsel

Is de Cosa Nostra een hiërarchisch gestructureerde maffiabende, dan is de Camorra (“bende” in het Italiaans) het tegendeel: een amalgaan van kleinere criminele bendes die elk hun territorium hebben. Dat maakt het natuurlijk extra moeilijk om die bendes te bestrijden; er is immers geen leider die je achter de tralies kan zetten.

Jaarlijks “verdwijnt” er in Italië zo’n 11,6 miljoen ton afval, goed voor een omzet van 16 miljard euro

De Camorra is actief in de regio Campanië, en staat het sterkst in de provincies Napels en Caserta. In Napels strijden verschillende stadsbendes om de heerschappij, terwijl op het platteland de maffiafamilies het voor het zeggen hebben. Ze voeren voortdurend oorlog om de grenzen van hun territoria te verleggen. Het resultaat: in de provincie Napels ligt het aantal moorden dertien keer hoger dan in de rest van Italië – 2,6 per 100 inwoners tegenover 0,2.

De Camorra-clans, die opvallen met hun grote herenhuizen en dure sportwagens, verdienen hun geld met afpersing, de handel en productie van sigaretten en namaakgoederen, subsidiefraude, bouwprojecten en illegale afvalverwerking. Ze hebben connecties tot ver buiten Italië, tot in Spanje, Nederland, Duitsland, Zwitserland, de VS en Latijns-Amerika. In 2004 zou de Camorra wapens geruild hebben voor drugs met Al Qaida.

Niet iedereen snuift coke, maar iedereen moet wel eten

Vooral de afvalfraude van de Camorra weegt zwaar op de regio. In het meest vervuilde gebied, ten oosten van Napels tussen de dorpen Nola, Acerra en Margliano, is het aantal tumoren de voorbije 20 jaar met 40% gestegen bij vrouwen, en maar liefst met 47 % bij mannen.

Helaas is de afvalindustrie een bijzonder winstgevende sector voor de Camorra. Jaarlijks “verdwijnt” er in Italië zo’n 11,6 miljoen ton afval, goed voor een omzet van 16 miljard euro. Dat afval wordt begraven (op bouwwerven, in wegen of in grotten), naar ongeschikte verwerkingsbedrijven gestuurd (in het geval van chemisch afval), verbrand op het platteland, of verwerkt in potgrond, cement, metaal of asfalt. Onder andere, want de Camorra is erg creatief. Het kost allemaal maar de helft van de legale kostprijs: 0,52 euro per kilogram afval.

Vervuilde grond in Camorra-gebied

Die vorm van huis-, tuin- en keukencriminaliteit past de Camorra ook toe in de voedingsindustrie, waar het “namaakvoedsel” produceert. Brood gebakken in houtovens die gestookt worden met hout van opgegraven doodskisten en bespoten nootschalen, of kazen, pasta, charcuterie en wijnen die met inferieure en soms gevaarlijke ingrediënten uit China en Noord-Afrika gemaakt worden: het is allemaal veel minder spectaculair dan drugshandel, maar zo veel winstgevender. Niet iedereen snuift immers coke, maar iedereen moet wel eten.

VRTNU VRTNU VRTNU