Spring naar inhoud

Marieke bezoekt de Hassan Bek Moskee

geschreven op 25 mei 2019

Om de Palestijnen in Tel Aviv te treffen is het niet zo éénvoudig. Los van het feit dat toch wel twintig procent van de bevolking niet Arabisch is, lijkt het toch niet zo gemakkelijk om interviews te kunnen vastleggen met Arabische Israëliërs.

door Marieke Dermul

Ze wonen vooral in Jaffa, de oorspronkelijke 'Palestijnse' plek die in 1950 geannexeerd werd bij Tel Aviv, waar ze vooral in de groentenmarkten en andere winkels werken. Daarbovenop is het Ramadan nu, dus ik voel me ook een beetje schuldig dat ik me bij hen zou opdringen.

Bovendien is er de 'taalkloof', die er bij het ontmoeten van toevallige Palestijnse passanten, voor zorgt dat ik niet echt dieper in het politieke gesprek kan komen. Maar aan de andere kant: "the beauty is in the struggle".

Op dag 4 in Tel Aviv ontmoet ik deze sympathieke mensen uit Bethlehem. Met alle geduld van de wereld en met handen en voeten proberen ze te antwoorden op mijn vragen. Dankzij 'Google Translate' kunnen we een basis van een gesprek voeren. Niks inhoudelijk dieps, maar de moeite 'an sich' raak me.

Opnieuw: "the beauty is in the struggle".

Ik reis door. We passeren 1 van de 2 grote overgebleven moskees in Tel Aviv: De Hassan Bek Moskee.

Eerst en vooral sta ik er een kwartier te treuzelen, want ik ben in een shortje en een truitje en deze foto maakt mij duidelijk dat ik hier zo geen stap binnen zal kunnen zetten. Het voelt alsof ik iets doe wat verboden is, maar ik neem toch een foto met mijn Iphone.

Ik vind het raar van mezelf dat ik mij zo vreemd gedraag. We wisten toch al langer dat je hier niet zomaar binnen mag en dat je alles moet bedekken. En toch... het doet toch raar. Wat wil ik? Wil ik de mensen ECHT ontmoeten of voel ik toch een bepaalde blokkade ontstaan door de regels die hier opgelegd worden? Ik voel de achterdochtige blikken rondom me.

Ik vind het raar van mezelf dat ik mij zo vreemd gedraag

Kijk ik te lang? Ben ik hier te lang? Vertrouwen ze mij niet? Ik wil de mensen echt ontmoeten. Dus ik lach vriendelijk, blijf treuzelen. Even afwachten. Zonder oordeel. Kan ik dat?

Mijn filmmaker mag er wel in, zeggen ze. Hij wil weigeren om alleen binnen te gaan, maar ik zeg hem dat hij de kans moet grijpen. Ik zal wel 'braaf' op hem wachten en maak oogcontact met de dame aan de ingangspoort.

Ik zie aan haar dat ze mij eigenlijk wel zou willen binnenlaten, omdat ze elke tien seconden op een verontschuldigende manier oogcontact zoekt. Met handgebaren lijkt ze uit te leggen dat ik wel welkom ben, maar gewoon niet 'voldoe' aan de eisen. Ze combineert een aantal schoudergebaren met op haar lip bijten. Ik voel aan haar glimlach dat ze wel sympathie voor mij heeft.

Ik knipoog naar haar, want ik vind de moeite die ze doet om de kloof te verkleinen, aandoenlijk.

Na tien minuten hoofdknikkend naar elkaar glimlachen met pauzes waarin ik probeer de andere kant op te kijken alsof daar iets interessants gebeurt, neemt ze haar trui van haar schouders en doet ze teken dat ik het over mijn hoofd moet binden.

Ik doe teken naar haar dat ik nog een 'kort shortje' draag. Ze lijkt teleurgesteld.

Ik doe teken naar haar dat ik nog een 'kort shortje' draag. Ze lijkt teleurgesteld.

Er wordt over en weer geroepen en nog vijf minuten later komt er een man uit de moskee met een zwart lang kleed...

Oef. Ik mag eindelijk binnen. Met dubbele gevoelens stap ik binnen. De feminist in mij voelt zich toch een beetje aangevallen, maar 'de mens in mij' is ontroerd door alle moeite van hun kant om mij toch binnen te laten.

Ik krijg een teken dat ik naar de andere kant van de moskee moet, naar een afgezonderde kamer waar de vrouwen moeten bidden. Dat voelt raar, maar ik ga er toch naartoe.

Ik probeer mijn feministisch, opborrelende gevoelens in toom te houden. Hou je in...

Het is er klein, vrouwen liggen op een tapijt op de grond, er staan een paar stoelen en dat is het. De sfeer is grimmig. Ik wil hier niet blijven. Ik voel me hier totaal niet op mijn gemak. Ik durf zeggen dat ik me beledigd voel.

Ik ga terug in het middendeel van het binnenplein staan, in het te lange zwarte kleed en de trui van de vrouw aan de ingang rond mijn hoofd gebonden. Het ziet er niet uit, maar dat is nu even het laatste van mijn zorgen. Ik probeer mijn feministisch opborrelende gevoelens in toom te houden. Hou je in ... Zij doen moeite. Jij dus ook. Het is anders dan je verwachtingen. Deal with it.

Ik kijk van op een afstand naar het 'mannendeel'. Het lijkt er veel groter, ruimer, relaxter.

Ik mag er niet in, maar ik blijf weeral lanterfanten, kijken, aftasten... Ik voel opnieuw de achterdochtige blikken toenemen.

Wat is dat toch? Waarom is alles zo moeilijk?

Wanneer ik het bijna heb opgegeven, doet een man teken naar mij dat ik toch naar binnen mag.

Het hele gebied rond de moskee is vernield door de Joodse Israëliërs in 1948

Al snel wordt er luid geroepen naar de andere mannen: ENGLISH !??? WHO SPEAKS ENGLISH !????? Ik hoor nog andere zinnen in het Arabisch, het gaat er luid en rumoerig aan toe ineens.

Er is in het hele 'mannendeel' van de moskee één man die Engels spreekt. Hij wordt in mijn richting geduwd om uitleg te geven bij de foto's die er hangen: De moskee voor 1945, de moskee na 1948... Het hele gebied rond de moskee is vernield door de Joodse Israëliërs in 1948 en van dat hele gebied is alleen de moskee nog in tact gebleven.

Het zijn pijnlijke beelden van verval.

De man vertelt het ontroerend, ook al heeft hij het zelf niet meegemaakt. Hij is een immigrant uit Afrika, maar is inmiddels opgenomen door de moslimgemeenschap in Tel Aviv. Hij probeert de geschiedenis uit te leggen, dat wat ze hem verteld hebben. In gebrekkig Engels knopen we een gesprek aan. Over het politieke conflict wil hij niks kwijt. Hij wil er ook zeker van zijn dat ik hem niet in een slecht daglicht zal zetten.

Ik houd het bij de menselijke vragen.

Ik voel me dankbaar dat ik dat mag meemaken

En daar sta ik dan. Als jonge Westerse vrouw, midden in het 'mannengedeelte' van een zeer symbolisch beladen Moskee. We mogen filmen en foto's trekken op een plek waar dat eigenlijk verboden is. En we krijgen eerlijke antwoorden. Het voelt op een bepaalde manier intiem.

De kloof die ik in het begin voelde, is helemaal weg.

Er is een soort van vertrouwen ontstaan. Stap voor stap. Ook de Palestijnse mannen in de moskee die geen Engels kunnen, knikken en glimlachen nu naar mij.

Het kostte tijd. Maar het vertrouwen is er gekomen. Ik voel me dankbaar dat ik dat mag meemaken.

VRTNU VRTNU VRTNU