Spring naar inhoud

5 tips van Steve McCurry voor de perfecte foto

geschreven op 14 mei 2017

Hij reist al veertig jaar de wereld rond, werd gearresteerd in Pakistan, in elkaar geslagen in India en bijna vermoord door de Moedjahedien. Hij overleefde een vliegtuigcrash in Joegoslavië en werd twee keer als “gedood” opgegeven. Hij bracht de wereld voor zijn lens - en exposeert nu in Brussel.

Wij spraken met topfotograaf Steve McCurry en vroegen hem ook naar vijf tips om aangrijpende portretten te maken.

1. De reis

Bereid niet teveel voor. Research zorgt voor uitstel van het echte werk en reisboeken zijn al snel out-of-date. Met weinig voorbereiding kan je zonder al teveel vooringenomenheid een plaats ontdekken. Stap je deur uit, trek erop uit en laat wat over aan het toeval! Het is wel altijd handig om een vertaler mee te hebben. Als je de lokale gebruiken en taal niet kent, heb je hulp nodig - of je vraagt om problemen.

2. De drijfveer

Laat je leiden door je nieuwsgierigheid! De drang om nieuwe dingen te ontdekken, van nieuwe keukens tot andere religies, is de beste compagnon van fotografie en is ook een goede motivatie in het leven. De beste werkwijze is simpelweg door de stad ronddolen en de wereld met je camera observeren. Dat vergt een erg open manier van denken. Er zijn natuurlijk van die dagen waarop je denkt, “ik ga niet werken vandaag, ik neem vrijaf’. Daar moet je je overheen zetten. Sta op en stap de deur uit! Je hebt een zekere passie nodig. Vaak voel je je ook beter wanneer je op die rotdag op straat staat. Ga een koffie drinken, praat met iemand, wandel wat rond. Daar schuilt hoop in, niet in een dagje overslaan.

3. De personages

Op gezichten zijn vaak fascinerende verhalen af te lezen. De basis van een goed portret is de gezichtsuitdrukking van je persoon. We hebben allemaal hetzelfde gezicht, maar zijn zo anders. De kunst van een portret maken is wachten op het moment waarop een mens zijn persoonlijkheid het meest blootgeeft. Gezichtsuitdrukkingen veranderen, dus je moet een beetje geduld tonen totdat ze zich helemaal comfortabel en niet te zeer zelfbewust voelen. Ik wil ook dat ze me recht aankijken, zodat het contact met mij overgaat in een band met degene die naar de foto kijkt.

4. De foto

Benader de mensen, fotografeer ze niet stiekem. Erg veel van mijn portretten komen voort uit erg korte, puur toevallige ontmoetingen. Het eerste wat ik altijd doe is een vriendelijke glimlach opzetten en de mensen met respect benaderen. Ik heb natuurlijk het geluk dat ik aan de kleine kant ben - dat komt minder intimiderend over. Daarna moet je je enthousiasme op hen weten over te brengen, zodat het lijkt alsof het maken van hun portret een prachtig iets is waaraan je gaat beginnen. En vervolgens moet je het tempo een beetje laten vallen. Maak er iets heel gewoons van. Toch moet je situatie tot situatie evalueren. Je wilt het leven fotograferen zoals het is, dus je kan niet iedereen overal om toestemming vragen.

5. Het materiaal

Mobiele telefoons met camera’s hebben enorm veel potentieel. Je hebt geen vreselijk dure camera nodig om een topfoto te maken. Zelf fotografeer ik vaak met mijn smartphone. Het voordeel is dat ze klein zijn en je ze altijd bij hebt. Door te kijken naar het werk van andere fotografen, kan je leren hoe zij problemen met licht en compositie aanpakken. Ik ben altijd verbluft dat jonge fotografen niet naar sommige van de grote fotografen kijken: je kan er zoveel van leren! Zelf vind ik veel inspiratie bij de Franse fotograaf Henri Cartier-Bresson, een pionier van de straatfotografie.

VRTNU VRTNU VRTNU