Spring naar inhoud

Shaking the city

Brussels biennale of modern architecture

De Zuidertoren te Brussel - © bbma
geschreven op 30 september 2016
Tweede biënnale

Van het Centraal Station tot de Zuidertoren, van de Kunstberg tot het Rijksadministratief Centrum, van de Ravensteingalerij tot ons eigen Omroepcentrum… Brussel herbergt heel wat gebouwen die representatief zijn voor de architectuur van de jaren ’50-’60-’70. De tweede editie van de Brussels Biennale of Modern Architecture wil in oktober deze naoorlogse architectuur in de schijnwerpers zetten onder de titel Modern isms are shaping the city / shaking the city.

De Belgische hoofdstad onderging na de Tweede Wereldoorlog een enorme metamorfose waarbij het fijnmazige historische weefsel werd overspoeld door grootschalige infrastructuur en nieuwe realisaties. Deze grote bouwprojecten kaderden eveneens in de voorbereiding van de wereldtentoonstelling Expo 58 waar men rotsvast geloofde in de vooruitgang en een nieuwe wereld, een trend die zich ook in de volgende decennia verderzette.

Canvas stond voor de Brusselse biennale op het dak van de Zuidertoren, het hoogste gebouw van België. Wij legden voor jou een impressie vast met onze camera.

Waardevol

Het naoorlogse modernisme wordt vandaag niet altijd aanzien als waardevol patrimonium, niet in het minst omdat door het gebruik van nieuwe materialen en technieken de gebouwen vaak slecht verouderden. De meesten hebben intussen een ‘facelift’ gekregen en lijken niet meer op het originele en voor die tijd unieke concept. Voor sommigen is zelfs renovatie niet meer mogelijk en ligt de afbraak in het verschiet, zoals het Reyerscomplex van VRT-RTBF.

Tijdens de maand oktober wordt een heleboel gebouwen uitzonderlijk opengesteld voor het publiek: dat gaat van openbare gebouwen over kantoorcomplexen en onderwijsinstellingen tot private woningen en villa’s. Op vijf opeenvolgende zaterdagen zullen er rondleidingen worden gegeven in het Nederlands, Frans en Engels, om ook aan het internationale publiek tegemoet te komen. Wij bladerden even in het programma en selecteerden enkele interessante onderwerpen.

Centraal Station & Telex, Brussel

Een gerenoveerd modernistisch gebouw en een ondergronds spoorweglabyrint.

Brussel Centraal

Het afwerken van de ondergrondse noord-zuid-verbinding tussen de twee voormalige kopstations in het noorden en het zuiden van de stad Brussel was na de Tweede Wereldoorlog een absolute prioriteit. Deze ingreep had niet alleen belang voor de mobiliteit, maar had ook een bijzondere impact op de binnenstad. In het midden van het traject op de plaats van de oude Putteriewijk werd het station Brussel Centraal gebouwd (V. Horta, M. Brunfaut, 1947-1952). Geen spoorwegkathedraal, maar een onderaards labyrint dat het hart van de hoofdstad verbond met alle hoeken van het land en na de bouw van de Sabena Air Terminus ook met de rest van de wereld.

Ook het naastgelegen Telexgebouw (L. Stynen, P. De Meyer, 1958) speelde een rol in de internationale verankering van Brussel: achter de enigmatische gevel met aluminium lamellen kwamen niet minder dan 4000 telexlijnen samen.

  • Zaterdag 1 oktober: rondleiding met panoramisch zicht op de noord-zuidverbinding en een bezoek aan de verborgen ruimtes en het koninklijk salon van het Centraal Station. Meer info hier.
VRT-RTBF Omroepcentrum, Schaarbeek

Eén van de laatste bezoeken aan dit gigantisch mediacomplex.

VRT-RTBF Omroepcentrum

Ons eigen Omroepcomplex aan de Reyerslaan mag niet ontbreken in het rijtje van modernistische gebouwen in Brussel. Toen het oude omroepgebouw aan het Flageyplein (1930) in de jaren '50-'60 te klein bleek voor de opdracht van de nationale radio- en tv-zenders, moest men uitkijken naar een nieuwe locatie. Omwille van zijn omvang kreeg het vooropgestelde programma (een soort all-in mediafabriek) een plaats aan de Reyerslaan op het terrein van de voormalige Nationale Schietbaan. Het gebouw werd ontworpen door een heterogeen gezelschap van architecten volgens het functionalistische credo form follows function.

Het communautaire evenwicht werd architecturaal vertaald in de lange centrale gang die het complex in twee gelijke taalhelften verdeelde. Opmerkelijk is de grafische articulatie van de polyester panelen in de gevel om het effect van zonnewarmte te reduceren. Achter het hoge kantoorblok kwamen de grote televisiestudio's en decorateliers. Het is echter de zendmast die het beste de schaalsprong van de publieke infrastructuur illustreert na de Tweede Wereldoorlog: de 89 meter hoge toren met zijn schotelvormige bovenbouw is een hoogtechnologisch belfort op maat van het hele land. Het hele complex, behalve de toren, wordt binnen enkele jaren gesloopt.

  • Zaterdag 8 oktober: rondleiding door het complex en de studio's en uitzonderlijk bezoek aan de iconische toren. Meer info hier.
La Mémé, Sint-Lambrechts-Woluwe

Een architectenkoppel wordt de regisseur voor studenten die hun eigen campus bouwen.

La Mémé

In La Mémé (1970-72), het huisvestingscomplex voor de studenten geneeskunde van de UCL in Sint-Lambrechts-Woluwe, betrekken de architecten Lucien en Simonne Kroll de toekomstige gebruikers van bij het begin bij het ontwerp. Zo ontstond er een vormelijk en functioneel erg heterogeen geheel met appartementen, kamers, groepswoningen, een postkantoor, een kantine en een kinderdagverblijf, een beetje in de stijl van de bekende Oostenrijkse architect Hundertwasser. Veertig jaar na datum ziet het gebouw er ook nog steeds bewust onaf uit, alsof het morgen kan worden aangepast aan zijn steeds wisselende bevolking.

  • Zaterdag 15 oktober: rondleiding mét lezing door architect Lucien Kroll (intussen bijna 90 jaar!). Meer info hier.
Aircraft hangars, Grimbergen

Gewaagde ingenieurskunst van wereldniveau door selfmade architect.

Aircraft hangars van Grimbergen

Je zou het niet vermoeden, maar in het landelijke Grimbergen bevindt zich een unicum in de Belgische architectuur: net na de Tweede Wereldoorlog bouwde de Belgische autodidact Alfred Hardy er twee cilindervormige vliegtuigloodsen voor het plaatselijke vliegveld. De Aircraft hangars van Hardy bestaan uit dunne betonnen schaaldaken, gedragen door een enkele ringbalk die steunt op slechts vier kolommen.

Door een ingenieus systeem van lichte schuifpoorten is elke plek van deze loodsen even makkelijk toegankelijk, wat een zeer compact schikking van de vliegtuigen toelaat. Opmerkelijk: Hardy, een selfmade bouwer, realiseerde deze hangars in 1947, ettelijke jaren vóór gelijkaardige betonschalen van Eero Saarinen of Felix Candela.

  • Zaterdag 29 oktober: rondleiding in de unieke vliegtuigloodsen. Meer info hier.
Huis Lucien Engels, Zemst

Unieke architectenwoning in het groen.

Huis Lucien Engels

De Biënnale hecht ook belang aan particuliere woningbouw in Brussel en in de periferie. Lucien Engels, een Vilvoords architect, was sterk lokaal verankerd en vanuit zijn familie nauw verweven met het socialistisch milieu, net als vele van zijn opdrachtgevers: leden van de middenklasse die zich de droom van de moderniteit toeëigende in aanloop naar Expo 58.

Zijn eigen woning, het Huis Lucien Engels in Zemst (1958) is een langgerekte, beglaasde doos die lijkt te zweven boven een wateroppervlak en een weids uitzicht bood over het (oorspronkelijk nog niet verkavelde) landschap. Het minimalisme van deze architectuur verraadt hoe Engels, net zoals veel van zijn collega's, sterk beïnvloed was door de Japanse architectuur en deze combineerde met het modernisme.

  • Zaterdag 29 oktober: rondleiding in twee huizen van architect Lucien Engels. Meer info hier.

Met dank aan Arlette Clauwers, Koen Verswijver (Korei) en Sven Sterken (KUL).

VRTNU VRTNU VRTNU