Spring naar inhoud

Van melomaan tot moordenares

Levensverhalen op de Boekenbeurs

geschreven op 02 november 2015

Het is weer Boekenbeurs, ook op Canvas.be. Elke dag pikken we een aantal boeken uit het immense boekenbeursaanbod waar wij alvast nieuwsgierig naar zijn. Vandaag : levensverhalen.

Gevaarlijke vrouwen

De boeken van schrijver en journaliste Steffie Van den Oord gaan altijd terug op waargebeurde verhalen. Soms kiest ze voor de interviewvorm ("Eeuwelingen"), soms reconstrueert ze historische feiten in non-fictie die leest als een roman. Zo spitte ze in "Vonk" het verhaal uit van het overspel tussen een vrouw en haar onderhuurder. In 1713 belandden ze samen op het schavot voor moord op de echtgenoot van de vrouw.

Meer verhalen van moordenaressen vind je in dit boek. "Vrouwen moorden minder vaak dan mannen, maar ze hebben meestal een beter verhaal", verklaart Van den Oord haar fascinatie voor het onderwerp. Ze laat tien vrouwen die leefden tussen 1712 en 1946 vertellen over hun misdaad. Elk verhaal is anders : de vrouwen moordden per ongeluk, in een opwelling, of na jaren plotten. Ze moorden uit jaloezie, uit woede, of uit berekening. Liefde blijkt de rode draad in al deze verhalen.

Lees hier een voorpublicatie uit het boek, het verhaal van moordenares Willemijntje Janssen

DE VROUW MET DE BIJL EN NEGEN ANDERE MOORDENARESSEN. Steffie Van den Oord.

Rockefeller en de koppensnellers

In de onmetelijk rijke familie Rockefeller speelden zich wel meer drama's af, maar de mysterieuze verdwijning van Michael Rockefeller blijft één van de meest tot de verbeelding sprekende. In 1961 trok hij samen met een kompaan rond in Nederlands Nieuw-Guinea. Ze hadden schelpen en bijlen bij zich, die ze bij de inheemse stammen wilden inruilen tegen primitieve kunst. Die zou geëxposeerd worden in New York, in het gloednieuwe Museum of Primitive Art van Michaels vader.

Op 18 november kapseisde de catamaran van de jonge mannen. Michael besloot naar de oever te zwemmen om hulp te halen. Daarna is nooit meer iets van hem vernomen. Men dacht dat hij was verdronken, of opgegeten door de haaien.

Vastbesloten om de waarheid te achterhalen, trok de Amerikaanse reisschrijver Carl Hoffman terug naar Nieuw Guinea, en ging praten met alle betrokkenen van toen die nog in leven zijn. In "Wreed Paradijs" reconstrueert hij een even aannemelijke als gruwelijke versie van de feiten. De leden van de koppensnellende, kannibalistische Asmat-stam waren op het moment dat Rockefeller naar de oever zwom het blanke koloniale bewind allesbehalve gunstig gezind. Het lijkt erop dat de jongeman daar de prijs voor betaald heeft.

WREED PARADIJS. Carl Hoffman.

Het vergeten kind van Pablo Neruda

Malva Marina Trinidad del Carmen Reyes heette ze, het dochtertje dat de beroemde Chileense dichter en Nobelprijswinnaar Pablo Neruda geen enkele keer vernoemde in zijn memoires. Ze werd geboren in 1934 in Madrid, uit zijn huwelijk met de Nederlands-Indische Maria Hagenaar.

Malva had een waterhoofd, en haar geestelijke en lichamelijke ontwikkeling verliep niet zoals het hoorde. Het huwelijk tussen haar ouders hield geen stand en in 1937 keerden Malva en haar moeder terug naar Nederland, waar Maria haar dochtertje moest afstaan aan een pleeggezin zodat zij uit werken kon gaan. Het is daar dat Malva stierf, op negenjarige leeftijd. Haar vader had ze toen al jaren gezien noch gehoord.

Dit vergeten kleine meisje krijgt van de Nederlandse dichteres en schrijfster Hagar Peeters center stage in haar debuutroman "Malva". Ze laat Malva vanuit het hiernamaals honderduit vertellen over haar leven, haar vader, de liefdes van haar vader. Er is bitterheid maar ook bewondering, ondanks alles, én de wensdroom, dat hij haar zou erkennen, trots zou zijn op haar .

Verweven met Malva's verhaal is het verhaal van Hagar Peeters en hààr eigen vader, een socioloog en schrijver, die Latijns-Amerika expert was, en destijds aanwezig was op de begrafenis van Neruda. Ook Peeters' vader sprak elf jaar lang tegen niemand over zijn dochter. Peeters' persoonlijke verhaal kende gelukkig een andere afloop.

MALVA. Hagar Peeters.

Een jeugd in het Midden-Oosten

Riad Sattoufs vader, een Syriër, ontmoette zijn moeder, een Bretoense, in een cafetaria van de Sorbonne in de jaren zeventig . De kleine Riad werd geboren in Parijs maar bracht zijn jeugd grotendeels door in het Libië van Khadafi en het Syrië van Hafez al-Assad- alleen de zomervakanties was hij in Bretagne.

Over die jeugd gaat het in de twee eerste delen van Sattoufs door de internationale kritiek erg lovend ontvangen memoires "De nieuwe Arabier". Het zijn graphic novels die de geuren ( "Elke vrouw in het dorp had een andere geur") en kleuren (Frankrijk is grijsblauw, Libië geel, Syrië rozerood) van zijn jonge jaren laten herleven. Hij vertelt over het hoopvolle panarabisme en de daaropvolgende teleurstelling van zijn vader, over de zeden en gewoonten van de lokale speelplaats ("yehudi", jood, was het eerste woord Arabisch dat Riad leerde omdat men het naar zijn kop slingerde op de speelplaats), kortom, over het leven zoals het is, maar zoals we het veel te weinig zien in de media - hoe vaak het ook over "Syrië" of "Libië" gaat.

Meer over de auteur in dit uitgebreide profiel in The New Yorker.

DE ARABIER VAN DE TOEKOMST 2. Riad Sattouf.

Gered door de Chaconne van Bach

Het heeft niet veel gescheeld of niemand had ooit de autobiografie van de rebelse Britse concertpianist James Rhodes (die in het Engels de veel mooiere en dubbelzinniger titel "Instrumental" draagt) kunnen lezen. Net zoals het niet veel gescheeld had of James Rhodes was nooit concertpianist geworden. De man heeft namelijk een zware kindertijd achter de rug, en dat is zacht uitgedrukt.

Rhodes' ex-vrouw trok naar het gerecht om publicatie te laten verhinderen, bang dat hun zoontje onherstelbare schade zou oplopen indien hij via dit boek te weten zou komen aan wat voor brutaal sexueel misbruik zijn vader sinds zijn zesde werd onderworpen door de gymleraar van zijn school. De rechter oordeelde in het voordeel van Rhodes (iedereen heeft het recht om zijn verhaal te vertellen), en dus ligt het boek in de winkels, ook in het Nederlands.

Rhodes doet het relaas van zijn traumatische ervaringen, vertelt waar ze toe leidden (tics, obsessief-compulsief gedrag, depressie, zelfmoordneigingen, automutilatie, drank-en druggebruik), en hoe hij zich hieraan kon ontworstelen dankzij klassieke muziek.In de Chaconne van Bach, bijvoorbeeld, kon hij zich verschuilen als kind ("It set me up for life; without it I would've died years ago, I've no doubt"). Na een paar valse starts (hij studeerde psychologie, en werkte o.a. als verkoper) werd hij alsnog de muzikant die hij was. Een vuriger ambassadeur kan de klassieke muziek zich niet wensen. Klassieke muziek is een genot en een geschenk waar niemand zich de toegang tot mag laten ontzeggen door gekostumeerde saaierds die denken dat het hun alleenrecht is over Bach, Beethoven of Mozart te praten.

JAMES RHODES, PIANIST. James Rhodes

VRTNU VRTNU VRTNU