Spring naar inhoud

De Albinoni vervalsing

Fraude in de klassieke muziek

De Albinoni Vervalsing - © rr
geschreven op 25 november 2017
De Albinoni vervalsing

Neen, dit is niet de titel van de nieuwste thriller van Dan Brown. Het gaat hier om een verhaal over één van bekendste muziekstukken uit de populaire klassieke muziek: het Adagio in G klein van de Italiaanse barokcomponist Tomaso Albinoni. In de Klara Top 100 van 2015 eindigde het nog op nr. 30, net voor de Carmina Burana van Carl Orff. Dit jaar werd het nr. 75.

Het Adagio van Albinoni werd ontelbare malen gebruikt in films en op televisie. Alain Resnais, Orson Welles, Pier Paolo Pasolini, Werner Herzog en Peter Weir zijn maar enkele regisseurs die maar al te graag hun filmbeelden lieten begeleiden door het Adagio. Tal van artiesten inspireerden zich op de melodie. De bekendste versie is zeker die van The Doors, naast die van Procol Harum en Muse. Over de versies van Il Divo en DJ Tiesto zwijgen we hier op risico van steniging door muziekfans.

Afgezien van het feit dat het Adagio van Albinoni zich na het beluisteren vastpint als een oorwurm in ieders hoofd, is er met dit stuk nog iets anders aan de hand. Het is namelijk NIET van de hand van Albinoni. Het werd niet eens gecomponeerd in de baroktijd. Het is niet minder dan een regelrechte vervalsing uit de 20ste eeuw. Of tenminste, dat vermoedt men. Het verhaal…

Uit de puinen van Dresden

Een groot deel van zijn partituren werd bewaard in de rijke muziekverzameling van de Saksische Landesbibliothek in Dresden. Die collectie werd echter zwaar getroffen in 1945, toen de geallieerden met zware luchtbombardementen de Duitse stad in een brandende puinhoop herschiepen. En tot overmaat van ramp roofden de Sovjets ook nog eens een deel van wat overbleef als krijgsbuit.

Het was dan ook een ondankbare taak voor wetenschappers om na de oorlog terug orde te scheppen in de puinen van de Landesbibliothek van Dresden. Eén van hen was de Italiaanse onderzoeker Remo Giazotto. Deze Romeinse musicoloog, geboren in 1910 en overleden op 26 augustus 1998, was een specialist in Italiaanse barokmuziek, professor muziekgeschiedenis aan de Universiteit van Firenze én directeur bij de RAI, de Italiaanse radio en televisie. Bovendien was hij gediplomeerd pianist en componist van het Conservatorium van Milaan.

Remo Giazotto

In de restanten van Dresden hoopte hij stukken terug te vinden van één van zijn geliefde componisten Tomaso Albinoni, over wie hij een uitgebreide biografie schreef. En ja hoor, hij ontdekte fragmenten van een onbekende sonate van Albinoni. Op basis hiervan schreef Giazotto een arrangement dat hij in 1958 publiceerde als het Adagio in G klein voor strijkers en orgel, op twee thematische ideeën en een baslijn van Tomaso Albinoni.

Het Adagio werd onmiddellijk erkend als een meesterwerk uit de barok en werd georkestreerd voor grote orkesten. Het werd een populair stuk en veel grote ensembles en dirigenten namen het op in hun programmatie, ondermeer Herbert von Karajan en de Berliner Philharmoniker. Net als de Canon van Pachelbel, het Allelujah van Händel of De Lente uit de Vier Jaargetijden van Vivaldi – om me maar te beperken tot de barokmuziek – is het deel gaan uitmaken van ons collectieve muzikale geheugen.

Vervalsing

Er doken echter twijfels op over de authenticiteit. Remo Giazotto kon nooit het originele bronmanuscript tonen, waarop hij zich gebaseerd had voor zijn arrangement. En musicologen die op hun beurt op zoek gingen naar de partituurfragmenten van Albinoni in de Landesbibliothek van Dresden kwamen van een kale reis terug: er was niets te vinden. Het vermoeden rees dat Giazotto zélf de componist was. Het Adagio van Albinoni werd wel eens smalend vernoemd als het "bekendste stuk dat Albinoni nooit heeft geschreven".

Toen een muziekjournalist aan Giazotto in 1992 nogmaals vroeg naar de ontstaansgeschiedenis van het Adagio, kwam Giazotto met een nieuwe uitleg voor de proppen: hij zou de fragmenten van Albinoni reeds in 1940 ontdekt hebben en dus niet nà de oorlog.

Eén van Giazotto’s medewerkers, de musicologe dr. Muska Mangano, heeft dan weer tussen de papieren van Giazotto een ‘fotokopie van een foto’ gevonden waarop een partituur van Albinoni zou te zien zijn mét het stempel van de Dresdener bibliotheek. Op basis hiervan zou Giazotto dan zijn compositie gemaakt hebben. In een thesis uit 2007 over Albinoni stelt de onderzoeker Nicola Schneider dat deze partituur zeker geen Italiaans origineel is, maar een latere transcriptie.

De Amerikaans-Italiaanse professor Carolyn Gianturco heeft Giazotto trouwens beschuldigd van regelrechte fraude in de andere zaak, nl. een biografie over de componist Stradella. Volgens Gianturco fabriceerde Giazotto op schandalige wijze zélf zijn historische 'bronnen'.

Is het Adagio nu een falsificatie van de hand van Giazotto? Of en in hoeverre heeft hij zich laten inspireren door een fragment van Albinoni? En waarom zou Giazotto zich hebben laten verleiden tot deze vorm van fraude? Allemaal vragen die onbeantwoord blijven. Vermits Remo Giazotto in 1998 overleed, zullen we wellicht nooit uitsluitsel krijgen over het ware auteurschap van het Adagio.

Maar doet het er eigenlijk toe? Het Adagio is een schitterend stuk muziek, zelfs als het twee eeuwen nà Albinoni is gecomponeerd. Wie weet zou hij wel trots zijn op ‘zijn’ Adagio.

Fake of niet? Wat zegt Klara-presentatrice Katelijne Boon hierover?
VRTNU VRTNU VRTNU