Spring naar inhoud

Canvas kampt met hoge misdaadcijfers

Reconstructie van een misdaad, 1964 - © STAM
geschreven op 14 februari 2019
Luther

1, 2, 3, 4 ... Heb je al eens de slachtoffers geteld die op een zaterdagavond vallen op Canvas? 6, 7... Het getal kan hoog oplopen.

Eens de 10 voorbij gaven we het tellen op. Het is de laatste aflevering van Luther met een vermoeide Idris Elba. De moorden werden alsmaar grimmiger en we twijfelen of de DA alles tot een goed einde zal kunnen brengen. Niet dus. Hij wordt zelf met handboeien om afgevoerd. Een nieuw seizoen is in de maak.

The truth will out

De crimeseries op onze zender kampen met hoge misdaadcijfers, maar blijven fascineren. Peter Wendel maakt in The truth will out jacht op een seriemoordenaar, het Franse Bureau des légendes probeert terreuraanslagen te voorkomen. Er is de wekelijkse dosis true crime, en nu kun je ook luisteren naar de bij momenten ijzingwekkende verhalen van de Misdaaddokters. (Die lijkmaden vergeten we nooit!) Waarom blijft het oplossen van een moordzaak ons zo aanspreken? Wat hebben al die uitzendingen met elkaar gemeen?

We stammen af van een eindeloos lange reeks moordenaars

Sigmund Freud

"We stammen af van een eindeloos lange reeks moordenaars, wie de liefde voor het moorden misschien net zo in het bloed zit als onszelf", merkte Sigmund Freud na de Eerste Wereldoorlog op.

De bende Van Hoe-Verstuyft opgerold

Tezelfdertijd trok de bende van Edmond en René Verstuyft samen met Raymond Van Hoe al rovend en moordend door het door grote voedselschaarste uitgehongerde Oost-Vlaanderen. 36 overvallen en 14 moorden hebben ze op hun geweten. De Gentse regio haalde opgelucht adem toen de bende in 1920 opgerold werd. Met dank aan de net opgerichte gerechtelijke politie, de efficiëntere onderzoekmethodes en de verfijndere opsporingstechnieken. De bendeleiders werden tot de doodstraf veroordeeld, een straf die sinds 1863 automatisch tot levenslang met dwangarbeid wordt omgezet.

De autopsie gaf uitsluitsel over het gebruikte wapen, 1943

Dit, en nog veel meer, kom je te weten op de expo Het museum van de misdaad in het Gentse STAM. Een tentoonstelling met een intrigerende titel waar voldoende politiemateriaal uitgestald ligt om enkele misdaadseries te bedenken. Enkele voorbeelden:

  • In 1926 verdwijnt een jongeman na een avondje stappen in Beernem. Hij wordt later dood teruggevonden in het kanaal.

  • In februari 1944 wordt in Gent een vrouw vermoord teruggevonden. Vlak bij haar lichaam vinden de speurders een aangebeten appel.

  • Een vrouw die vlak bij een vuilnisbelt woont, gaat daar regelmatig op zoek naar bruikbaar materiaal. Op een dag in 1966 vindt ze er een aanzienlijke geldsom. Ze toont het haar buurman. Hij slaat haar neer met een hamer en neemt het geld af. De zwaargewonde vrouw vlucht naar huis. De man achtervolgt haar en valt haar daar nogmaals aan. Opnieuw vlucht de vrouw. In de tuin van haar buurvrouw valt ze uiteindelijk dood neer.

  • In 1969 wordt een onthoofd lichaam gevonden op een akker. De vrouw van het slachtoffer lijkt de hoofdverdachte. Maar zij ontkent alles — en het hoofd blijft spoorloos.

  • In de jaren 1990 geeft een man zijn vrouw op als vermist. De politie komt een kijkje nemen bij de man thuis. Ze treffen het huis kraaknet aan, maar ontdekken enkele bijzondere vlekken op het tapijt. Het blijken bloedsporen.

Het zijn waargebeurde misdaden waar ook televisiedetectives wel eens mee te maken zouden kunnen krijgen. Maar hoe lost de agent de zaak op?

Een plaats delict, 1936

Van de Gerechtelijke Politie tot 'Het museum van de misdaad'

De Franse denker Roland Barthes schreef het ongeveer zo: "De politieman, die de samenleving in haar bureaucratische vorm vertegenwoordigt, wordt een moderne ontcijferaar die het verschrikkelijke en verontrustende 'waarom' een halt toeroept. Zijn geduldig uitgevoerde en toegewijde werk staat symbool voor een diep verlangen: de mens dicht koortsig de kloof tussen oorzaak en gevolg, hij doet er alles aan om de frustratie en de angst op te heffen."

Orde moet er zijn. In een beschaafde wereld is er geen plaats voor kwalijke impulsen. Verboden verlangens die tegen de goede zeden ingaan worden onderdrukt. Wie ontspoort wordt opgepakt en verwijderd. Om de criminaliteit beter de kop in te drukken wordt er begin 20e eeuw een gespecialiseerde politiedienst opgericht. Naast de politieagent en de rijkswacht komt er in 1919 de Gerechtelijke Politie bij de Parketten, afhankelijk van het Ministerie van Justitie. Die moet, en kan, als enige over het hele land zware misdrijven onderzoeken. Deze inspecteurs dragen geen uniform. Ze lopen rond in anonieme burgerkledij, maar krijgen een penning om zich te identificeren.

Tekeningen van voorhoofden als hulpmiddel bij een identificatie

Vanaf 1921 gaan die inspecteurs terug naar school. In de School voor Criminologie en Criminalistiek leren ze de nieuwste vakken die het werk moeten vergemakkelijken: strafrecht en strafvordering, gerechtelijke geneeskunde, toxicologie, criminele antropologie en psychologie, gerechtelijke fotografie en microscopie, ...

Maar hoe leert een agent in spe het juiste antwoord formuleren op de vijf belangrijke vragen: 'wat?', 'waar?', 'wanneer?', 'wie?' en 'waarom?'. Hoe leert hij een plaats delict onderzoeken? Hoe herkent hij een wapen als hij lege hulzen vindt? Wanneer is een ondervraging geslaagd? Hoe kan hij alle puzzelstukken samenleggen en de dader klissen? Dat kan vooral door vorige misdaden te bestuderen.

Lang voor alle informatie op harde schijven opgeslagen werd en er van computers sprake was, legden de brigades eigen collecties aan. De tentoonstelling Het museum van de misdaad in Gent toont de collectie van de gerechtelijke politie van Gent: bewijsstukken, in beslag genomen goederen, foto's van misdaadscènes, politieverslagen, autopsierapporten, dossiers en krantenartikels. Dat materiaal bestuderen is een goede manier om wegwijs te raken in de donkere kant van de samenleving.

VRTNU VRTNU VRTNU