Spring naar inhoud

Robbrecht en Daem. An Architectural Anthology


Op 14 december werd in Bozar ‘Robbrecht en Daem - An Architectural Anthology’ voorgesteld. Het boek biedt een omvattend overzicht van het oeuvre van de architecten Robbrecht en Daem van de vroege jaren tachtig tot heden. Wij praatten met oprichter Paul Robbrecht en zijn zoon Johannes Robbrecht over hun stijl, successen en inspiratiebronnen aan de vooravond van alweer een groots project: het nieuwe omroepgebouw voor de VRT, dat ze ontwierpen samen met Dierendonckblancke Architecten.

Een terug- en vooruitblik

Paul Robbrecht: “Voor ons is het boek niet alleen een terugblik. Het is ook een statement om architectuur ruimer te zien dan enkel het bouwen van gebouwen. Architectuur maakt deel uit van de samenleving, van de publieke ruimte, en ook van het culturele veld. Architectuur zou haar plaats in dat ruimere veld soms meer moeten opeisen.

Architectuur moet veel meer een dialoog genereren en zich niet beperken tot het neerpoten van gebouwen.

Dit boek is een beetje het verhaal van ons leven, maar we hopen dat het ook een aanduiding, richting, oriëntatie kan zijn van hoe we verder moeten. Die oriëntatie toont zich ook in ons ontwerp voor het nieuwe VRT-gebouw.”

Een cultuurtempel

Paul Robbrecht: “Toen we gingen nadenken over een nieuw gebouw voor de VRT, hebben we meteen gesteld dat het in de eerste plaats een cultuurgebouw is. Dat was al een tijdje niet meer zo duidelijk. Het idee dat een plek van nieuwsgaring ook een plek is van creatie en cultuur was een beetje ondergesneeuwd. Een mediagebouw hoort nochtans in één rij te staan met het operagebouw en met het theater. Een keuze die we heel vroeg gemaakt hebben, is de centrale plaats voor de newsroom.

De nieuwsstudio is het kloppend hart van het mediagebouw.

Nieuws in de ruime zin van het woord, want een merk als Culture Club brengt in onze ogen ook nieuws. Die hebben we centraal gepositioneerd in wat wij ‘het hoofd’ van het gebouw noemen. De nieuwsredactie zit daar net onder, maar omspant de volledige oppervlakte van het gebouw.

Het complex bestaat uit twee gebouwen. Het grootste gebouw noemen we het Lichaam. Het is een langgerekt volume dat zich bijna als een lichaam neervlijt in het park. Het andere volume, het Hoofd, zoekt de connectie met de omliggende stad.”

Maarten Van Den Driessche (samensteller van het overzichtsboek): “Je ziet dat soort van tweeledige figuren vaker terugkeren in het oeuvre van Robbrecht en Daem, zoals bij het Concertgebouw in Brugge. Dat bestaat uit een staand kopgebouw, die een soort van stedelijk figuur in de stad is en een liggend gedeelte, de concertzaal, die daar tegenover staat. Henry Van de Velde heeft dat ook gedaan met de bouw van de universiteitsbibliotheek, waarvan de Boekentoren als een merkteken in het landschap staat en de stad van een signaal voorziet. De studieplekken concentreren zich in de lager gelegen gebouwen rond de tuin.”

Boekentoren

De Tuinkamer

Paul Robbrecht: “We hopen dat het gebouw een creatieve, stimulerende atmosfeer zal uitademen. Zodanig dat de mensen die er werken en creëren, zich gestimuleerd voelen door het gebouw an sich, door de ruimtes waarin ze vertoeven, die er niet meer als kantoorruimtes zullen uitzien. Eén uiting van deze wens is wat wij de Tuinkamer noemen. Het is een soort buitenruimte die we over de gehele lengte van de zuidgevel doortrekken. Het is als het ware een veranda, met zitplekken en planten, een plek die tegelijkertijd binnen en buiten is. Je trekt de buitenwereld naar binnen en omgekeerd. We hopen dat het een plek wordt waar mensen op een informele manier kunnen werken en met elkaar communiceren.

Eigenlijk wenst elk van onze gebouwen naar de totaliteit van de wereld te kijken.

Elk gebouw is voor ons een soort observatorium. We willen de natuur naar binnen brengen, maar ook naar de stad kijken. Die observatiepost kan heel klein zijn, heel minimaal, maar ook heel groot in het geval van het VRT-gebouw.

De tuinkamer is een knipoog naar de wintertuin in Villa Tugendhat, van architect Mies Van der Rohe. Een architect die wij beschouwen als één van onze meesters. De villa is één van de belangrijkste projecten uit zijn Europese periode en qua beleving één van mijn grootste voorbeelden. Toen ik die ruimte voor het eerst betrad, overviel mij een moment van sprakeloosheid. Hij creëert er een soort fluïdum tussen binnen en buiten. Ik hoop dat dat ook een beetje gebeurt in het VRT-gebouw.”

Villa Tugendhat

Het Kioskplein

Paul Robbrecht: "We stelden vast dat een mediahuis een zeer intern gebeuren geworden is, waar het publiek fysiek amper aanwezig is. Een van de gestes die we daarom absoluut wilden doen, was het creëren van een plek waar evenementen kunnen plaatsvinden. We noemen die plek het Kioskplein. Het is een niet geringe, overspannen, trapeziumvormige plek, waar performances voor een publiek plaats kunnen vinden. Ketnet kan zich op die plek uitleven, er kan een jazzfestival georganiseerd worden, dat soort dingen. Idealiter kan er zelfs een concert van een filharmonisch orkest met een 2000-tal aanwezigen plaatsvinden. Zo’n plek was er in het Flagey-gebouw, waar de VRT jaren geleden werd opgericht, wel nog. We hebben er heel sterk de nadruk op gelegd dat dit gebouw zich weer openstelt voor het publiek.”

Soms moet je een soort leegte creëren waarin dingen kunnen ontstaan.

Johannes Robbrecht: “We hebben het net al over de evenementen gehad die op het Kioskplein kunnen plaatsvinden, maar in se is het een ruimte die je open wil laten voor spontaan gebruik en invulling. We hebben wel vermoedens over hoe zo’n Tuinkamer gebruikt zal worden, maar de concrete invulling is in principe vrij.”

30 jaar bouwen

Paul Robbrecht: “Hilde en ik zijn midden jaren 70 afgestudeerd en in de jaren 80 zijn we effectief gestart. De veranderingen die de architectuur sindsdien doorstaan heeft, zijn enorm. Dat is niet meer te vergelijken. Architectuur wordt vandaag in groep bedreven. De architect als enkeling, zoals je destijds ook de dorpsdokter of de notaris had, bestaat niet meer. Vandaag ontstaan gebouwen door het bij elkaar brengen van de ideeën en expertises van uiteenlopende mensen. Of van mensen van verschillende generaties. De generatie van Johannes en van Dierendonckblancke draagt interactie, dialoog en samenwerken heel hoog in het vaandel. Meer dan voorheen. Wij gaan mee met onze tijd."

GAAT DAT LEZEN!

  • 'Robbrecht en Daem. An Architectural Anthology’, samengesteld door Maarten Van Den Driessche en uitgegeven door Mercatorfonds, ligt nu in de winkel.
VRTNU VRTNU VRTNU