Spring naar inhoud

26/05 tot 02/06 De Kleine Lettertjes


In het Paleis is 'De Kleine Lettertjes' van start gegaan, een kennismaking voor de kleinste lezers met de beste kinderboeken van vandaag. Drie schrijvers lezen voor uit hun werk en laten de jonge geletterden kennismaken met hun kleurrijke en spannende verzinsels. Wij spraken met de auteurs van dienst: Annet Schaap, Jan Paul Schutten en Karl Van Den Broeck.

Annet Schaap: Lampje

-Waarover gaat Lampje?

Annet Schaap: "‘Lampje’ is een verhaal over een meisje, Lampje dus, die de dochter is van een vuurtorenwachter. Het speelt in een soort vroeger toen de torens nog aangestoken werden met lucifers, maar haar vader is heel verdrietig. Hij is weduwnaar, veel dronken, heeft maar één been en zij moet eigenlijk altijd alles doen. En dat doet ze ook. Alleen, ze vergeet op een nacht lucifers te kopen. En juist die avond gaat het ontzettend stormen. Ze krijgt het niet voor elkaar om op tijd vuur te maken in de vuurtoren en in de storm vergaat een schip. Zij en haar vader krijgen daar de schuld van. Ze zullen moeten betalen en ze hebben geen geld. Daarop wordt zij naar het zwarte huis gestuurd, waar de admiraal woont. Daar wil ze helemaal niet heen, omdat iedereen zegt dat daar een monster woont. Maar ze gaat er toch heen, leert het leven daar een beetje kennen en daar woont inderdaad een soort monster, maar ook weer niet. Ze raakt er mee bevriend en ze komen erachter dat zij eigenlijk een heel erg gelijkaardig leven leiden. Tot daar in het kort. Het gaat ook nog over veel andere dingen. Er gebeurt heel veel."

-Het verhaal stemt soms ook droevig. Dat is niet evident voor een kinderboek.

ANNET SCHAAP: "Nou, toen ik zelf kind was -ik ben al best wel oud, 53 nu- had ik het gevoel dat er veel meer van dat soort boeken waren die over het echte leven gingen, over de dood, dingen die erg waren of moeilijk voor kinderen. Denk maar aan de boeken van Astrid Lindgren, maar er waren ook anderen. Als kind, weet ik nog, snakte ik daar erg naar. Ik wilde dat soort dingen heel erg graag weten, ook al was ik nog vrij jong. Zo’n soort boek heb ik proberen maken. Dus het voelde ook wel als een wat ouderwets boek. De uitgever zegt: dat noemen wij klassiek, maar goed, het blijkt dat er nog steeds heel veel kinderen zijn die het mooi vinden, ook al is het dan soms droevig en erg. Ook heel veel volwassenen vinden het juist om die redenen heel mooi."

-U heeft eerst veel boeken geïllustreerd voor u uw debuut als schrijfster maakte. Heeft u (beter) leren schrijven door te illustreren?

ANNET SCHAAP: "Ik denk het wel. De wens om te schrijven is al wel heel oud, maar ik heb daar eigenlijk twintig-vijfentwintig jaar helemaal niets mee gedaan. Op de één of andere manier was ik heel geblokkeerd en ging dat niet. Maar ja, ik ben altijd wel in de wereld van de boeken en de taal en ook van het kijken gebleven. Ja, dat heeft wel geholpen, denk ik."

-U schrijft heel beeldend, dus…

ANNET SCHAAP: "Ja, dat klopt ook wel. Ik zie dingen altijd heel scherp voor ik ze opschrijf. Maar ik hoor ze ook. Dus het is een beetje allebei. En ik voel ze ook nog. Dat komt er ook bij (lacht)."

-Waarom schrijft u kinderboeken en niet pakweg boeken voor volwassenen?

ANNET SCHAAP: "Ja, dat vind ik altijd zo’n rare vraag. Alsof die dan ook aan volwassenenschrijvers gesteld wordt. Waarom schrijf je altijd voor volwassenen, waarom eens niet iets voor kinderen? Het is een algemeen bekend feit dat alle volwassenen vroeger ook kinderen waren en ik ook, ik weet het nog heel goed en op de een of andere manier zijn die ervaringen belangrijk en eerder een bron om over te schrijven of vanuit te schrijven dan de tijd dat ik ouder was. Het is een soort taal die mij heel dichtbij ligt. Het is nooit een vraag voor mij."

Het is een algemeen bekend feit dat alle volwassenen vroeger ook kinderen waren en op de een of andere manier zijn die ervaringen belangrijk en een bron om over te schrijven.

-Hoe is het om uw doelpubliek te ontmoeten op dit soort evenementen?

ANNET SCHAAP: "Da’s natuurlijk heel leuk. Ik doe wel al heel lang lezingen en voorstellingen voor kinderen en ik vind dat vaak heel leuk en fijn, maar ik vind het ook niet altijd makkelijk. Zeker niet op scholen… Ik vind het behoorlijk naar als ik iets kom lezen en vraag: 'houden jullie allemaal van boeken en lezen?' en dat ik dan een klassikale zucht krijg. Daar word ik wel eens moedeloos van. Da’s een beetje van deze tijd. Dat veel kinderen niet aan lezen toekomen en er ook niet toe gestimuleerd worden. En dan moet ik het doen in één uurtje en dat haal ik meestal niet. Ik doe mijn best maar het is moeilijk. Al blijft het wel heel belangrijk om het toch te doen."

-Kinderboeken zijn vaak heel fantasierijk. Wat is voor u de kracht van fantasie?

ANNET SCHAAP: "Ik denk dat boeken voor volwassenen ook heel fantasierijk zijn. Maar ik denk dat kinderen misschien inderdaad wel makkelijker toegang hebben tot hun fantasie. En sommigen houden het of hervinden het. En de kracht van fantasie… die is heel groot. Dat is eigenlijk altijd zo geweest. Niet dat ik nu zo’n naar leven had, maar in boeken vond ik het vaak wel fijner dan in het echt. Dus ik las heel veel als kind. En als ik niet las, dan bedacht ik wel verhalen over wat me allemaal zou overkomen, of wat er op een dag zou gebeuren. Dat hielp me altijd. Het had er ook iets mee te maken dat ik het leven vroeger heel saai vond, met school en kerk en dat er zo weinig zeerovers in rondliepen. Geheime huizen met monsters die hadden wij niet. En ik had daar wel een soort verlangen naar, naar zo’n soort leven."

-Heeft u zelf nog een kinderboekentip?

ANNET SCHAAP: "Oef, er zijn er zoveel. Ik zou nu zeggen: ‘De tuinen van Dorr’ van Paul Biegel. Dat is één van mijn lievelingsboeken. Het is ongeveer zo oud als ik. Het is eigenlijk een soort boek dat ik ooit hoop te schrijven, of hoop geschreven te hebben, hoop nog meer te schrijven. Het is een sprookje, over een prins en een tuinjongen, maar ondertussen gaat het over echte mensen met echte gevoelens. Heel poëtisch, heel prachtig, heel droevig. Maar het loopt ook goed af."

KARL VAN DEN BROECK: DE VOGEL IN MIJN HAAR

-Waarover gaat De vogel in mijn haar?

KARL VAN DEN BROECK: "‘De vogel in mijn haar’ is een boek over een meisje, Sofie heet ze, dat ruzie heeft met ongeveer iedereen in haar omgeving omdat ze niet naar de kapper wil. Ze wil dat niet, omdat er in haar weelderige haardos een zwaluw woont met wie ze heel goed bevriend is. Niemand weet daarvan, dus dat moet geheim blijven. Zoals je weet gaan zwaluwen één keer per jaar naar Afrika om daar een nest te bouwen en een gezin te stichten. Al vrij snel komt de zwaluw terug met een vriendinnetje en als het even kan, wilt die ook in het haar van Sofie komen wonen en dat geeft dan allemaal gedoe. Dat is het verhaal van het boek: hoe ze daarmee omgaat en hoe het verder moet."

-Is er een moraal aan het verhaal?

KARL VAN DEN BROECK: "Ja, er is wel iets van een moraal, namelijk dat je op je eigen benen moet kunnen staan en dat iedereen ook wel zonder imaginair vriendje kan. Het boek eindigt ook op een hoopvolle noot. In plaats van zich terug te trekken met de vogel in haar haar, zie je haar met haar zussen, familie en vrienden verdergaan. In die zin is het een soort coming of age-verhaal, wat op een heel speelse manier probeert toch wel diepe vragen te stellen, als ik het zo pretentieus mag zeggen."

-Hoe kwam u op dit verhaal uit?

KARL VAN DEN BROECK: "Dit boek is één van de leukste dingen die mij dit jaar overkomen zijn. Ik heb het twee jaar geleden gemaakt samen met mijn petekind. De aanleiding is uit het leven gegrepen. Mijn petekind Sofie wilde haar haar niet laten knippen en haar vader zei: binnenkort komen er vogels in je haar wonen. Dat vonden wij allebei wel een mooi idee om een verhaaltje over te schrijven en dat hebben we dan ook gedaan. Dat was niet evident. Elke verhaallijn, elke nieuwe plotwending moest in overleg beslist worden. Maar het is gelukt, dat verhaaltje was af en uiteindelijk hebben een aantal mensen in mijn omgeving gezegd: je moet dat toch eens naar een uitgever sturen. Plots bleek er een uitgever bereid om dat uit te geven en dan hebben ze daar ook nog één van de beste illustratrices van het moment voor gevonden, Fatinha Ramos, die prachtige tekeningen gemaakt heeft en plots ligt dat ding ook in de winkel. Dat was voor ons beiden een mooi geschenk."

-U schreef het met uw petekind? Hoe verliep die samenwerking?

KARL VAN DEN BROECK: "Tja, moeilijk hé. We hebben zowat over alles heel hard gediscussieerd. En telkens wanneer ik een stukje schreef, was ze mijn meest genadeloze eindredacteur. Sowieso is een boek met zijn tweeën schrijven verschrikkelijk moeilijk. Zeker aangezien ik tweeënvijftig ben en zij zeven. Dat zijn twee heel andere werelden en een heel andere taal. Maar we hebben het doen werken."

-Hoe is het om uw publiek te ontmoeten op dit soort evenementen?

KARL VAN DEN BROECK: "Wel, ik heb vorige week in Gent een vuurdoop gehad. Ik mocht in het kader van ‘Uitgelezen’ voor een klas van vijftig leerlingen, tussen de 7 en 9, voorlezen uit het boek en dat is enorm goed meegevallen. Je probeert hen eigenlijk toch te overtuigen van een soort fictie, dat er een vogel in je haar kan wonen, maar voor hen is dat blijkbaar zeer vanzelfsprekend. Ik vermoed dus dat heel wat kinderen een vogel in hun haar hebben wonen, waar wij allemaal niks van afweten. Het was heel leuk. Je begint dan met te vragen: wie heeft het langste haar in de klas? En dan ben je vertrokken… op het einde mocht ik zelfs een handtekening uitdelen aan één van de leerlingen, dus ik was opeens ook heel even beroemd (lacht)."

-Heeft u zelf nog een kinderboekentip?

KARL VAN DEN BROECK: "Een echte geheimtip is… mijn vader, Walter Van den Broeck, heeft ooit een kinderboekje geschreven, in de jaren zeventig denk ik: 'Mietje Porselein en Lili Spring-in-‘t-veld'. En dat gaat over twee personages die het boek waarin ze zelf moeten meespelen saai vinden, en naar de schrijver gaan om hem aan te porren om er toch enigszins een avontuurlijk verhaal van te maken. Da’s echt een hilarisch kinderboek, dat dringend herontdekt moet worden. Ik heb er alleszins als kind enorm veel plezier aan beleefd."

Jan Paul Schutten: Het raadsel van alles wat leeft

-Waarover gaat Het raadsel van alles wat leeft?

JAN PAUL SCHUTTEN: "Het is een boek over de evolutie: hoe weten we zo zeker dat de evolutietheorie klopt? Stammen we af van één eerste levende cel? Hoe kom je van eieren leggende soorten tot levendbarende zoogdieren? Hoe kan er zoiets als een oog ontstaan uit het niets?"

-Waarom schrijft u kinderboeken en niet pakweg boeken voor volwassenen?

JAN PAUL SCHUTTEN: "Kinderen willen niet alles weten. Ze willen de leukste, spannendste, grappigste en opmerkelijkste dingen weten. Dat heb ik zelf ook. Maar nog belangrijker: wat heb ik bij te dragen aan de boeken voor volwassenen die over de evolutie zijn geschreven? Niets… Ik ben geen bioloog, geen wetenschapper. Ik kan alleen ingewikkelde dingen begrijpelijk en grappig uitleggen."

-Hoe is het om uw publiek te ontmoeten op dit soort evenementen?

JAN PAUL SCHUTTEN: "Dat is elke keer weer anders. Soms zitten kinderen gretig klaar, soms juist afwachtend met de armen over elkaar en soms totaal niet geïnteresseerd in wat ik straks zal gaan zeggen. Aan mij de taak om te zorgen dat ze het allemaal leuk vinden. Gelukkig lukt dat altijd. Ik moet er niet aan denken dat ze het saai vinden."

-Gaat het in uw werk vooral om verwondering? Met verwondering in het leven staan?

JAN PAUL SCHUTTEN: "Absoluut. Het begint bij mijn verwondering. En die wil ik vervolgens overbrengen op de lezers. Mijn boeken gaan altijd over dingen waarvan je niet wist dat je ze wilde weten."

-Heeft u zelf nog een kinderboekentip?

JAN PAUL SCHUTTEN: "Ik ben zo ongeveer de enige die 'Lampje' nog niet heeft gelezen, maar volgens velen is dat het beste boek van de afgelopen jaren. Voor mij is dat op dit moment nog 'Wonder' van RJ Palacio. Wat mezelf betreft: in november komt 'Het mysterie van niks en oneindig veel snot' uit. Een boek dat uitlegt hoe de oerknal kon ontstaan. Zwarte gaten, parallelle universums, donkere energie, quantummechanica, de relativiteitstheorie: het komt allemaal aan bod, voor kinderen vanaf negen jaar."

Gaat dat zien!

° Tickets en info: 'De Kleine Lettertjes'

VRTNU VRTNU VRTNU