Spring naar inhoud

Petrus Gonsalvus, de weerwolfman

Het ware verhaal achter Belle & het Beest

Petrus Gonsalvus & zijn vrouw Catherine - © .
geschreven op 17 maart 2017

Neen, we waren niet aanwezig bij de galapremière van de nieuwste Disneyfilm Beauty and the Beast, enkele dagen geleden in Londen. Emma Watson had het ons nog zo gevraagd, maar het werk gaat voor… want dit artikel moest tijdig klaar geraken: de ware geschiedenis achter het bekende sprookje, het leven van Petrus Gonsalvus.

Wie kent het sprookje niet van Belle en het Beest, over een monsterlijk wezen dat verliefd wordt op een mooie jonge vrouw. Gelijkaardige volksverhalen vinden we reeds terug in de klassieke oudheid met ‘De Gouden Ezel’ uit de ‘Metamorphoses’ van Apuleius uit de 2de eeuw en later in de Renaissance met ‘Koning varken’ van de Italiaanse dichter Straparola. Maar het verhaal in de vorm zoals we het nu kennen, dateert van 1740. Het werd neergeschreven door Gabrielle-Suzanne Barbot de Villeneuve. En deze Franse schrijfster heeft zich waarschijnlijk laten inspireren door het leven van Petrus Gonsalvus.

Anoniem Duits kunstenaar: Petrus Gonsalvus
De weerwolf van Tenerife

Pedro Gonzales – meestal gelatiniseerd tot Petrus Gonsalvus – wordt geboren omstreeks 1537 op Tenerife, een van de Canarische eilanden. Reeds als kind is hij zwaar behaard als gevolg van een genetische erfelijke afwijking hypertrichose, ook bekend als het Syndroom van Ambras of het Weerwolfsyndroom. Naar verluidt was hij een afstammeling van de oorspronkelijke Guanche-koningen van Tenerife. Omwille van zijn uitzonderlijke aandoening wordt hij al gauw een beroemdheid, die ook de aandacht trekt van de Spanjaarden. Hombre Lobo Canario (wolfman Canario) wordt hij genoemd. Een gezant van het Castiliaanse Hof brengt hem over naar het vasteland. Pedro is dan een jongen van 10 jaar.

Het was in die tijd ‘bon ton’ voor koningen en edelen om allerlei curiositeiten te verzamelen aan hun hof. We spreken over de 16de eeuw, de tijd van de grote ontdekkingsreizen. Nieuwe diersoorten, nieuwe planten, nieuwe cultuurvoorwerpen komen van over de hele wereld naar Europa en worden gretig verzameld door adellijke families en collectioneurs. Elk zich respecterend hof bezit een rariteitenkabinet. En daar horen ook ‘levende’ curiosa bij: kleurrijke papegaaien en exotische reptielen, maar net zo goed dwergen en mensen met een bizar uiterlijk: een freakshow avant-la-lettre. Voor ons getuigt het niet bepaald van goede smaak, maar de Renaissance-vorsten tonen hiermee hun universele belangstelling.

Grotte des Pins
Le sauvage du Roi

De Franse koning Henry II hoort over het weerwolfkind en laat hem overkomen. Wordt Pedro ‘verkocht’ als slaaf? Mogelijk. In 1547 komt hij – wellicht via de Nederlanden – in Parijs terecht. De koning is blijkbaar opgetogen met de jongen en geeft hem een prinselijke opvoeding in Parijs en in het paleis van Fontainebleau. Omdat de Europeanen dachten dat de inwoners van de Canarische eilanden oorspronkelijk in grotten woonden, zou men zelfs een artificiële grot hebben gemaakt in de tuinen van het paleis, waar Pedro zich dan thuis zou kunnen voelen. In werkelijkheid verblijft hij gewoon in het paleis als bevoorrechte beschermeling van de vorst: “le sauvage du Roi”. Hij heeft de bijnaam Barbet, naar een hondenras met een baard en ruig krulhaar.

Pedro zal zijn status als curiosum-huisdier ruim overstijgen. Hij krijgt les van vooraanstaande docenten, leert vloeiend Frans, Latijn en Italiaans en maakt kennis met cultuur en wetenschappen. Als geletterd man verlatijnst hij zijn naam tot Petrus Gonsalvus. In Parijse intellectuele kringen is hij een graag geziene gast, een verfijnd erudiet causeur met… een opmerkelijk uiterlijk, waarmee zijn gastheren en gastvrouwen graag uitpakken. Petrus ontvangt een jaarsalaris van 240 pond en de koning verleent hem het voorrecht zich 'Don Pedro' te noemen.

Joris Hoefnagel: het echtpaar Gonsalvus
Santi di Tito: portret van een dame, mogelijk Catherine Gonsalvus-Raffelin
De schone bruid

Wanneer Petrus volwassen is, gaat koningin Catharina de Medici op zoek naar een huwelijkskandidaat voor de koninklijke beschermeling. De kandidaat-bruid Catherine Raffelin is de dochter van een hofdienaar en heeft geen andere keuze dan de koningin te gehoorzamen en te trouwen met Petrus. Hij mag dan een afstotelijk uiterlijk hebben, door zijn opvoeding is hij wel een aangename en hoogstaande jongeman geworden. Het huwelijk wordt gezegend met zes kinderen: Madeleine, Enrique (Arrigo), Françoise, Antonietta (Tognina), Horacio en Ercole, drie meisjes en drie jongens. Vier van hen zullen de aandoening van hun vader erven en als ‘weerwolfkinderen’ door het leven gaan.

In 1581 verlaten Petrus en zijn gezin Frankrijk. Ze zijn dan al beroemd, onder meer door prenten en tekeningen die verspreid werden in heel Europa. Bekend zijn de afbeeldingen door de Vlaamse kunstenaar Joris Hoefnagel. Het portret van het echtpaar toont Catherine die liefdevol haar hand op de schouder van Petrus legt. Klein detail: de portretten zijn opgenomen in een verzameling ‘Animalia’, m.a.w. voorstellingen van dieren.

Joris Hoefnagel: de dochters Gonsalvus

De familie Gonsalvus reist van het ene hof naar het andere. Zo laat keizer Rudolf II van Habsburg hen naar Wenen komen. Deze zonderlinge keizer had wel meer bizarre interesses wat zijn fascinatie voor de weerwolfmensen verklaart. Ook aartshertog Ferdinand II van Oostenrijk raakt geïntrigeerd door Gonsalvus en co en laat hen portretteren. Die schilderijen hangen in de rariteitencollectie van het Schloss Ambras in Innsbruck. Vandaar dat de erfelijke aandoening hypertrichose ook als het Syndroom van Ambras bekend staat.

Ook Margaretha van Parma, regentes der Nederlanden, nodigt de familie uit aan haar hof in Parma, Italië. Petrus mag er een landgoed in de omgeving beheren. Hij zal zijn oude dag slijten in Capodimonte, waar één van zijn zonen werkt in het Castello Farnese. Petrus overlijdt daar in 1617 op 80-jarige leeftijd. Zijn vrouw Catherine overleeft hem en sterft in 1623.

Anoniem Duits kunstenaar: Dochter Gonsalvus
De weerwolfkinderen

En de vier kinderen die ook leden aan het weerwolfsyndroom? Net zoals hun vader worden ze verwelkomd aan de adellijke hoven van Europa als bezienswaardigheid. Antonietta, koosnaam Tognina, is erg populair en wordt meermaals geschilderd.

Lavinia Fontana: Tognina Gonsalvus

Op een schilderij van de Italiaanse kunstenares Lavinia Fontana wordt de kleine Tognina afgebeeld als een jong meisje, dat ondanks de beharing lief en schattig overkomt. In haar hand houdt ze een brief waarop een tekst te lezen staat: Don Pedro, de wildeman ontdekt op de Canarische eilanden, werd overgebracht naar Zijne Doorluchtige Hoogheid Henry, Koning van Frankrijk. Van daaruit kwam hij naar Zijne Excellentie, de Hertog van Parma. Aan wie ik Antonietta behoor en nu woon aan het Hof van Dame Isabella Pallavicina, de Edelgeboren Markiezin van Soragna.

Ulisse Aldrovandi: Tognina Gonsalvus

De Italiaanse wetenschapper Ulisse Aldrovandi neemt een afbeelding van Tognina op in zijn Monstrorum Historia (Geschiedenis der Monsters). Zijn ontmoeting met het achtjarig meisje aan het Hof van de Markiezen van Soragna maakt een grote indruk op hem. Hij schrijft: Het gezicht van het meisje, met uitzondering van haar neus en lippen rond haar mond, werd volledig bedekt met haar. De haren op haar voorhoofd waren langer en peziger dan die van haar wangen, maar voelden zachter aan dan die op de rest van haar lichaam. Ze was behaard van top tot teen, en stekelig met geel haar tot op haar onderrug.

Agostino Carracci: voorstelling met Enrique Gonsalvus
Stefano delle Bella: portret van Horacio Gonsalvus

De oudste zoon Enrique, of Arrigo, wordt bekend als schildersmodel van Agostino Carracci uit Bologna op diens voorstelling van De harige, de gek en de dwerg. Zijn jongere broer Horacio komt in Rome en Napels terecht. Hij zal geportretteerd worden door Stefano della Bella. De oudste dochter Madeleine zou in Parma blijven en daar huwen met een hofdienaar van de hertog. Uit deze verbintenis komt een dochter voort Catarina, die net als haar moeder helemaal behaard is.

Sprookje

Werden Petrus Gonsalvus, de weerwolf van Tenerife, en zijn kinderen tijdens hun leven eigenlijk aanvaard als volwaardige mensen of werden ze door hun adellijke beschermheren en -vrouwen alleen maar gebruikt en te kijk gezet als bizarre bezienswaardigheid? Het is moeilijk hierop een eenduidig antwoord te geven. Zeker werden ze met respect behandeld. De familieleden woonden in paleizen en kastelen, ze kregen een hoge opleiding en leidden al bij al een rijkelijk en comfortabel bestaan, dat niet was weggelegd voor de gemiddelde Europeaan in die tijd.

Maar ze bleven natuurlijk een curiosum. En dat ze vandaag nog verder leven in het sprookje van Belle en het Beest is veelzeggend. Met dàt verschil: in het sprookje verandert het Beest op het einde in een knappe prins. Dat geluk hebben de Gonsalvussen nooit mogen ervaren.


VRTNU VRTNU VRTNU