Spring naar inhoud

Op kot bij de paus

Het Pauscollege in Leuven

Paus Adrianus VI - Pauscollege - © canvas
geschreven op 11 oktober 2018

Het academiejaar aan onze universiteiten is van start gegaan en dus trekken weer duizenden studenten massaal naar hun kamers, of om in studententaal te blijven: hun 'kot'. In Leuven zijn er elk jaar een kleine 200 gelukzakken die mogen logeren bij de 'paus': zij hebben een kot in het gerenommeerde Pauscollege.

Wij gingen op kotbezoek bij de paus en ontdekten een verborgen wijnkelder…

Het Pauscollege is genoemd naar zijn stichter paus Adrianus VI, de enige paus uit onze Nederlanden. Wie was die Adrianus en wat had hij met Leuven te maken dat hij hier een college oprichtte? Een biografie...

Een conclaaf met een compromis

We moeten terug naar een winterdag 9 januari van het jaar 1522. In de Sixtijnse kapel in Rome is het conclaaf bijeen om een nieuwe paus te kiezen na de dood van Leo X. Al twee weken zitten de kardinalen opgesloten, maar door verdeeldheid tussen de verschillende fracties heeft de stemming nog steeds geen kandidaat opgeleverd met de vereiste tweederde meerderheid. Die verdeeldheid in het college der kardinalen is een afspiegeling van de politieke toestand in het Europa van die dagen: je hebt keizer Karel V aan de ene kant, zijn erfvijand de Franse koning Frans I aan de andere en dan ook nog de wispelturige Engelse koning Hendrik VIII, op dat ogenblik nog katholiek (later zal hij zich afscheiden en de anglicaanse kerk stichten).

Karel V, Frans I en Hendrik VIII, de politieke protagonisten bij de pausverkiezing van 1522.

Elk van deze vorsten heeft zijn favoriete kardinalen die geen duimbreed willen toegeven. Omdat het conclaaf er niet toe komt een kandidaat te kiezen uit de aanwezige 39 kardinalen, besluiten ze om de keuze te beperken tot de afwezigen, want door omstandigheden zijn enkele kardinalen niet in Rome geraakt voor het conclaaf. Een compromis om uit de impasse te geraken.

Adrianus van Utrecht, die de titel van kardinaal van Tortosa draagt, is op dat tijdstip in Spanje voor staatszaken in opdracht van Karel V. Na enkele stembeurten krijgt hij de meerderheid van de stemmen: bij afwezigheid en zonder zijn medeweten wordt hij tot paus gekozen.

Habemus Papam

De bijeen gestroomde menigte aan het Vaticaan weet niet wat ze hoort als de kardinaal-deken de gelovigen toespreekt: "Habemus Papam. Kardinaal van Tortosa, Adrianus van Utrecht." De Romeinen zijn niet in hun sas met deze paus uit het noorden. Waar komt die eigenlijk vandaan? Utrecht? Waar ligt dat? In Holland? Vlaanderen? Of Duitsland? Een barbaar! En hij is niet eens aanwezig in Rome…

Jan van Scorel: portret van paus Adrianus VI

Je moet weten Adrianus de opvolger is van een reeks beruchte kerkvorsten die bekend stonden voor hun liederlijke en rijkelijke levensstijl: Alexander VI Borgia, Julius II Della Rovere, Leo X De' Medici, renaissancepausen die meer oog hadden voor wereldse pracht en praal dan voor het spirituele. Ook stuk voor stuk pausen die het nepotisme hoog in hun vaandel droegen: hun naaste familieleden deelden allemaal in hoge kerkelijke benoemingen. Het pausdom was een mand waaruit royaal werd gegraaid en rondgedeeld. En dan komt daar opeens een onbekende noorderling. De vrees dat het gedaan zal zijn met het exuberante pauselijke hof, dé bestaansreden van Rome, is niet ongegrond.

Wie was Adrianus van Utrecht?

Adriaan Floriszoon Boeyens werd geboren in 1459 in Utrecht als zoon van een scheepstimmerman. Ondanks zijn eenvoudige komaf kan hij gaan studeren aan de Latijnse school. In 1476 trekt hij naar de universiteit van Leuven. Zijn studie wordt betaald door een rijke weldoener. Hij studeert eerst de zogenaamde Vrije Kunsten aan de Artesfaculteit in de pedagogie Het Varken. De Leuvense universiteit was toen nog georganiseerd zoals in Oxford, Cambridge en Parijs met autonome colleges en pedagogieën die gezamenlijk de universiteit vormden.

Na twee jaar gaat Adriaan theologie studeren. Tegelijk doceert hij Artes aan jongere studenten, onder wie een leerling uit Rotterdam: Erasmus. Adriaan doctoreert, wordt priester, kanunnik en deken van de Sint-Pieterskerk te Leuven en professor aan de universiteit. Hij draagt ook tweemaal de titel van rector.

Bernard van Orley: Karel V als jongeman

Om de jonge prins Karel, de latere keizer Karel V, op te voeden en Latijn te leren wordt hij ontboden aan het hof van Margaretha van Oostenrijk in Mechelen. Vanaf 1509 verblijft hij meer in de paleizen van Mechelen en Brussel dan aan de Leuvense universiteit. Stilaan zal Adrianus opklimmen binnen de hofhouding en wordt hij één van de voornaamste adviseurs van de jonge vorst.

In 1515 trekt hij in opdracht van Karel naar Spanje als diplomatiek afgevaardigde. De promoties volgen mekaar snel op: koninklijk gezant, bisschop van Tortosa, kardinaal, groot-inquisiteur, regent van Spanje. Adrianus is gelaten: hij zou liever terugkeren naar de Nederlanden, maar Karel, intussen keizer geworden, blijft zijn oud-leraar bestoken met politieke en militaire opdrachten in Spanje. Het is daar dat hij op 22 januari 1522 een ijlbode ontvangt die hem het nieuws van zijn pausverkiezing meedeelt.

Maarten van Heemskerck: zicht op de bouwwerf van de Sint-Pietersbasiliek, ca. 1530

Haring en bier

Het zal nog maanden duren eer Adrianus VI, zo luidt zijn pausnaam, naar Rome afreist. Pas op 31 augustus 1522 wordt hij tot paus gekroond in de Sint-Pietersbasiliek van Rome, in die jaren een bouwwerf met de vroeg-christelijke kerk binnen de nieuwe Sint-Pieter, ontworpen door Bramante, in aanbouw.

Zoals de Romeinen al vreesden, wil Adrianus VI komaf maken met bepaalde (wan)toestanden binnen de kerk en vooral binnen de curie, het hoogste bestuursapparaat van de kerk. Je zou kunnen stellen dat hij een antwoord wil geven op de kritiek van Luther en consoorten. Zeer tegen de zin van de Italianen omringt hij zich met medewerkers uit de Nederlanden met als belangrijkste Willem van Enckevoirt, een Brabander met jarenlange ervaring in het Vaticaanse wespennest. De hervormingsplannen van Adrianus lopen vast op het conservatisme van de kardinalen, maar ook omdat hijzelf té bedachtzaam, té weifelend is. Met zijn ascetische levenswijze stoot hij op veel tegenstand. "Hij overleeft op een dieet van slecht bier en haring", wordt er spottend gezegd.

Grafmonument van Adrianus VI in de Santa Maria dell' Anima, Rome

Begin augustus 1523, nog geen jaar na zijn kroning, wordt Adrianus - op dat ogenblik 64 jaar - geveld door hoge koorts. Zijn gezondheidstoestand slabakt en in de namiddag van 14 september 1523 na een pontificaat van amper 600 dagen overlijdt Adrianus van Utrecht. Er gaan geruchten dat hij vergiftigd werd, maar die worden nooit bevestigd. Adrianus is de enige paus uit de Nederlanden en blijkbaar hadden de kardinalen na hem hun buik vol van buitenlanders, want hij zal de laatste niet-Italiaanse paus zijn tot 1978, wanneer de Pool Karol Wojtyla (Johannes-Paulus II) wordt verkozen.

Eerst wordt zijn lichaam bijgezet in de Sint-Pieters, maar omwille van de bouwwerkzaamheden aldaar laat kardinaal Van Enckevoirt het lichaam later overplaatsten naar een nieuw grafmonument in de Santa Maria dell' Anima, van oudsher de kerk van het Roomse keizerrijk en dus ook van Utrecht.

Voorgevel van het Pauscollege in 1865

Het college van de paus

In zijn testament had Adrianus bepaald dat zijn oude woning aan de 's Meijersstraat in Leuven een college moest worden voor behoeftige studenten. Reeds in november 1524 opent het college zijn deuren. Al gauw worden er panden bijgebouwd en ingericht tot kapel en bibliotheek. In de late achttiende eeuw was het complex erg bouwvallig geworden. Bij een instorting in 1775 komt zelfs een student om het leven.

Zicht op de grote trap (balustrade ca. 1850)

Daarop beslist de toenmalige president Lambert Ghenne tot een grondige verbouwing. Zijn broer wordt aangesteld tot architect: hij bouwt een monumentale straatvleugel en twee zijvleugels in classicistische stijl. Tien jaar later tekent de hofarchitect Louis Montoyer de achtervleugel, waardoor er een gesloten rechthoek ontstaat van 70 op 100 meter.

In de Franse tijd zal het gebouw dienst doen als tehuis voor veteranen van Napoleon, een succursaal van het Hôtel des Invalides in Parijs. Willige prostituées, neergestreken in de tegenover gelegen, voormalige Pedagogie Het Varken, bedienen de blijkbaar niet zo invalide veteranen. Deze pedagogie/bordeel zal worden gesloopt en plaats maken voor het huidige Hogeschoolplein.

Later wordt het Pauscollege een filosofisch instituut tot het bij de heroprichting van de Katholieke Universiteit in 1834 opnieuw, zoals bepaald door Adrianus, een studentenverblijf wordt. En dat is het nu nog steeds. Op het einde van dit academiejaar zal het Pauscollege zijn deuren sluiten voor noodzakelijke renovatiewerken. Hopelijk is het klaar tegen 2023, 500 jaar na de dood van Adrianus VI.

Traditionele stoet der Togati op de binnenkoer van het Pauscollege
Kelder onder het college, vol lege wijnflessen

Wijnschat

En wat die verborgen wijnkelder betreft: het hele college is onderkelderd met grote bakstenen gewelfde kamers. Sommige doen dienst als 'pausbar', de exclusieve bierkelder van de inwonende studenten. Anderen zijn dienstruimten of opslagplaatsen. In één van die kelders vond men honderden lege wijnflessen terug, wellicht ooit met smaak gedegusteerd door de president van het college, traditioneel een priester-professor van de universiteit, en zijn subregenten.

Verborgen schatten in de wijnkelder van de president

Maar onder het oude appartement van de president ligt nog een klein verborgen keldertje, alleen bereikbaar via een smalle houten trap. Dit was de private wijnkelder van de president. Hier liggen in gemetselde nissen nog tientallen volle wijnflessen en niet van de minste: Château Pontet-Canet (Pauillac Grand Cru), Château Toinet-Fombrauge (Saint-Emilion Grand Cru), Bourgogne-Passe-Tout-Grains, Pommard en andere pareltjes van de jaren '70 en later. Een schat voor vinologen!


Dank

Met dank aan Rebekka Jonkers (Pauscollege), Kjell Corens en Mark Derez (Universiteitsarchief KULeuven) voor de medewerking.

VRTNU VRTNU VRTNU