Spring naar inhoud

De verboden liefde van de koning

Nieuwe Rubens ontdekt

Nieuwe Rubens ontdekt - © bbc
geschreven op 29 september 2017

Eind september 2017 werd bekend gemaakt dat een nieuwe Rubens is ontdekt in een museum in Glasgow. Het gaat om een portret van George Villiers, hertog van Buckingham, en die was behalve een rijke edelman ook de geheime ‘lover’ van koning James I.

Lees het verhaal over de nieuwe Rubens en de verboden liefde van de Engelse koning.
Curator Pippa Stephenson van de Glasgow Museums en de tv-presentatoren van 'Britain's Lost Masterpieces' Emma Dabiri en Bendor Grosvenor bij het schilderij
My God, that’s a Rubens

Het was Bendor Grosvenor, kunstkenner en tv-presentator, die tijdens een bezoek aan de schilderijencollectie van Pollok House, een oud landgoed in Glasgow, toevallig zijn oog liet vallen op het portret van George Villiers, hertog van Buckingham. “My God, that looks like a Rubens,” dacht Grosvenor en inderdaad, het schilderij werd beschouwd als Rubensiaans, een eufemisme om te zeggen dat het een vaag atelierwerk is of een kopie van latere navolgers van de Antwerpse meester.

Tijdens de restauratie van het paneel

Grosvenor meende echter dat het werk toch bepaalde kwaliteiten bezat en mogelijk wél een authentieke Rubens kon zijn. Simon Gillespie, specialist van de Glasgow Museums, begon het paneel schoon te maken en stilaan kwam het originele portret tevoorschijn. Toen dendrochronologisch onderzoek uitwees dat op basis van de jaarringen het houten paneel kon gedateerd worden omstreeks 1620, werd het tijd om dé Rubens-expert Ben van Beneden van het Antwerpse Rubenshuis erbij te halen. En die kon bevestigen dat het portret een authentiek werk was van Pieter Paul Rubens (1577-1640).

Pollok House

Rubens maakte dit portret waarschijnlijk rond 1625, als voorbereidende studie voor een later schilderij. Dat schilderij is echter verloren gegaan bij een brand in 1949. Het studieportret uit Pollok House is later ‘bijgewerkt’ en overschilderd zodat het meer op een kopie begon te lijken dan op een oorspronkelijke Rubens. Op woensdag 27 september 2017 werd de nieuwe Rubens fier voorgesteld in het BBC-programma 'Britain's Lost Masterpieces' dat te gast was in Glasgow.

(lees verder onder de foto)

Rubens: Portret van George Villiers, Duke of Buckingham
De 'favourite' van de koning

Wie is die man op het portret van Rubens? Het gaat om George Villiers, geboren in 1592 als zoon van een lagere edelman uit Leicestershire. Op jonge leeftijd al reist hij naar Frankrijk om enkele jaren later terug te keren als een volleerde ‘courtier’, een welgemanierde, opgeleide jongeman die kan dansen, schermen en Frans spreken, kortom de perfecte hoveling.

In de zomer van 1614 – George is dan 21 – ontmoet hij koning James I (ook Jacobus genoemd) tijdens een jachtpartij in Apethorpe. Over James I, die als James IV ook koning van Schotland is, doen geruchten de ronde dat hij homoseksueel is. Bij zijn kroning tot koning van Engeland en opvolger van Elizabeth I wordt de grap verteld: Rex fuit Elizabeth: nunc est regina Jacobus (Elizabeth was koning: nu is Jacobus koningin).

Portret van koning James I

De koning vertrouwt in die tijd veelvuldig op Robert Carr, een koninklijke page die door toedoen van de koning de titel van graaf van Somerset heeft ontvangen. Carr speelt een belangrijke rol achter de schermen, zeer tot ongenoegen van de koninklijke entourage. Wanneer George Villiers aan het hof verschijnt, schuiven Carrs opponenten hem naar voren.

James I raakt gecharmeerd door de jonge Villiers en overlaadt hem met geschenken, een nieuwe garderobe en allerlei pronkerige eretitels: Royal Cupbearer (wijnschenker), Gentleman of the Bedchamber (kamerheer), King's Master of Horse (stalmeester). Als 'favourite' van de koning neemt Villiers vlot de plaats in van Robert Carr, die in ongenade is gevallen. Jaar na jaar klimt Villiers steeds hoger op de adellijke ladder: van ridder en baron over burggraaf, graaf en markies tot tenslotte hertog van Buckingham, een adellijke titel die de koning speciaal creëert voor zijn geliefde hoveling.

‘My sweet wife’

En hiermee is het hoge woord gevallen: geliefde. Is George Villiers – vaak kortweg Buckingham genoemd – inderdaad de minnaar van de koning? Of is er alleen sprake van een diepgaande platonische vriendschap tussen vorst en trouwe onderdaan?

Zoals gezegd is het een publiek geheim dat koning James, hoewel getrouwd en vader van kinderen, niet bepaald een vrouwenloper is. Hij was in zijn jeugd reeds op de vingers getikt door de bisschoppen van Schotland omwille van zijn al te nauwe banden met mannelijke leden van zijn hofhouding.

Villiers staat bekend als een knappe, charismatische verschijning. De bisschop van Gloucester beschrijft hem als 'the handsomest-bodied man in all of England'. En hij voegt eraan toe dat Buckingham zowel innerlijk als uiterlijk ‘beautiful’ is.

Portretmedaillon van de Duke of Buckingham (mét oorbel)

Is de koning gevallen voor de verleidelijke schoonheid van de jonge hoveling? Hij is alleszins onder de indruk en noemt hem liefkozend 'Steenie' naar de heilige Stefanus, die traditioneel wordt afgebeeld als een engelachtige jongeling.

Er is een persoonlijke argumentatie van de koning zelf over de aard van zijn relatie met George Villiers. Tegenover de Privy Council, de vergadering van ’s konings directe raadsleden, verklaart James dat hij Buckingham inderdaad lief heeft, meer dan wie ook, maar dat die relatie niets schandelijks in zich heeft en kan vergeleken worden met de band tussen Christus en de apostel Johannes. Het moet wel gezegd dat deze uitspraak dateert van 1617, dus nog in het begin van de relatie met Buckingham.

Gerard Van Honthorst: George Villiers, Duke of Buckingham, en zijn gezin

Hoe die verhouding later evolueert, weten we niet precies. George Villiers huwt en krijgt kinderen, maar de relatie van de koning met Villiers houdt aan en is op zijn minst dubbelzinnig te noemen, getuige enkele passages uit de brieven die beide heren naar mekaar schrijven. In een brief uit 1623 geeft koning James toe: "I wear Steenie's picture in a blue ribbon under my waistcoat next to my heart." En hij besluit een andere brief aan Buckingham met de woorden: "I desire only to live in this world for your sake… God bless you, my sweet child and wife."

George Villiers van zijn kant schrijft al even onverbloemd aan de koning: "I naturally so love your person and adore all your other parts, which are more than ever one man had... I will live and die a lover of you."

Voor ons lijken het overduidelijke liefdesbrieven tussen twee minnaars, maar in de 17de eeuw zou dergelijk bloemrijk taalgebruik in correspondentie tussen vrienden niet ongebruikelijk geweest zijn.

Apethorpe Hall
Slaapkamer

Sommige historici zijn ervan overtuigd dat er wel degelijk sprake is van een homoseksuele liaison, iets dat nog gestaafd wordt door de ontdekking van een ‘geheime’ verbinding tussen de slaapkamers van beide heren op het landgoed Apethorpe Hall, waar de koning en zijn hofhouding geregeld logeerden. Bij renovatiewerken in 2008 aan het gebouw legden arbeiders een verborgen doorgang bloot die de koninklijke slaapkamer verbond met die van Buckingham.

Daniel Mytens: portret van de Duke of Buckingham als Lord High Admiral

Wat er ook van zij, Buckingham is dankzij zijn relatie met de koning – vriendschappelijk of méér – kunnen opklimmen tot de hoogste rangen aan het hof. Hij consolideert zijn macht door ook goeie banden te kweken met de kroonprins Charles. Wanneer koning James I in 1625 overlijdt met Buckingham aan zijn sterfbed en wordt opgevolgd door Charles I, blijft Buckingham op post als Lord High Admiral, een positie voorbehouden voor de allerhoogste koninklijke vertrouwelingen, en de facto ‘eerste minister’.

Grafmonument van de Duke of Buckingham

In 1628 wordt Buckingham vermoord door een misnoegde officier. Hij wordt begraven in Westminster Abbey, niet ver van de tombe van koning James I. Het praalgraf van Buckingham draagt een opschrift in het Latijn waarin hij omschreven wordt als de intieme vriend van koningen. En verder staat er de nogal enigmatische zin: ‘Het raadsel van de wereld is dood’.

VRTNU VRTNU VRTNU