Spring naar inhoud

De Fortsas Hoax

De Fortsas Hoax - © canvas / Koen De Vos
geschreven op 28 maart 2019

The truth may be lost in time, but a well-told lie becomes immortal

Mark Twain

Fake news en valse hoaxes; het lijkt iets typisch van deze internettijden. Maar reeds in 1840 haalde een Belgische boekenverkoper een bibliofiele grap uit zonder weerga, een valse boekenveiling die in heel Europa voor opschudding zorgde.

Dit is het onwaarschijnlijke verhaal over de Fortsas Hoax.

De catalogus van de graaf van Fortsas, 1840

In de lente van 1840 kwam een catalogus uit van de boekencollectie van Jean Népomucène Auguste Pichauld, graaf van Fortsas. Deze cataloog vermeldde 52 uiterst zeldzame boeken, zogenaamde 'unica': publicaties waarvan nog maar één exemplaar in de hele wereld was overgebleven.

De graaf van Fortsas, zo werd beschreven, zou zijn hele leven veel tijd en geld besteed hebben aan het verzamelen van deze unieke exemplaren, maar na zijn overlijden in 1839 waren zijn erfgenamen niet langer geïnteresseerd in de boekencollectie van hun familielid en dus besloten ze de boeken ten gelde te maken op een veiling in het Belgische stadje Binche op 10 augustus 1840. De Fortsas-catalogus diende, zoals gebruikelijk, om deze verkoop aan te kondigen en bekend te maken in bibliofiele kringen.

Gottfried Wilhelm von Leibnitz, de Duitse filosoof

Uniek

Het was een hoogst exceptionele, unieke collectie die te koop werd aangeboden. Onder meer twee incunabelen of wiegendrukken (de oudste gedrukte boeken), eentje uit Oudenaarde, een uitgave van Boethius, daterend van 1477. Een andere incunabel met het middeleeuwse verhaal van Melusine van Jean d’Arras, in het Vlaams uitgegeven in 1481 en geïllustreerd met houtsneden. Nog een pronkstuk: een Disputatio Philosophica uit 1607, ooit nog toebehorend aan Leibnitz en voorzien van persoonlijke aantekeningen van deze Duitse filosoof en wetenschapper. Een zeldzame uitgave van Vergilius, gedrukt in Bergen in 1580. Twee onbekende drukwerken uit de Amsterdamse uitgeverij Elsevier: een wetboek Corpus Juris Civilis uit 1663, gedrukt op perkament, en een Italiaanse verhalenbundel Il Pentamerone uit 1675.

Charles Joseph de Ligne, de casanova-prins

De Fortsas-verzameling bevatte ook een uitzonderlijk medisch werkje over Louis Quatorze, meer bepaald over een anale fistel die de Franse Zonnekoning ooit zou gehad hebben, mét een illustratie van de 'derrière royal'. Iets vrolijker was het verslag van de amoureuze veroveringen van de Charles Joseph Prince de Ligne, slechts gedrukt op één exemplaar ten behoeve van de prins zelve. Ook nog een Flandriae Descriptio, een Latijnse beschrijving van Vlaanderen met kopergravures uit 1553, afkomstig uit de abdij van St-Germain-des-Prés in Parijs. Een dichtbundel van de omstreden satirische auteur François Poisson, die onder druk van de autoriteiten alle exemplaren liet verbranden, behalve één dat hijzelf bewaarde. Enzovoort, enzovoort: in totaal 52 eenmalige boekwerken van uitzonderlijke waarde.

Auguste Voisin, bibliothecaris van de universiteit van Gent

Internationale belangstelling

De catalogus raakte verspreid onder bibliofielen en handelaars in België, Frankrijk, Nederland, tot zelfs in Engeland. Al gauw waren verzamelaars in heel West-Europa op de hoogte van deze buitengewone boekenveiling. Londense en Parijse collectioneurs begonnen inlichtingen in te winnen en maakten plannen om ofwel persoonlijk naar Binche af te reizen, ofwel vertegenwoordigers te sturen.

Ook gefortuneerde adellijke boekenliefhebbers kwamen in actie, zoals de prinses de Ligne, die vooral belangstelling toonde voor het genoemde werkje over de liefdesavonturen van haar prinselijke grootvader. Zij schakelde de bibliothecaris van de Gentse universiteit in, Auguste Voisin die de opdracht kreeg ten allen prijze dit werkje te bemachtigen. De conservator van de Koninklijke Bibliotheek in Brussel, baron Reiffenberg had na veel lobbywerk een provisoire som losgekregen van de Belgische regering om eventueel werken aan te kopen uit de Fortsas-catalogus.

Sylvain Van de Weyer, de latere eerste minister

Biedingen konden vooraf worden ingezonden bij de drukker van de cataloog, Emmanuel Hoyois in Bergen. Hoyois ontving biedingen voor zowat elk item op de veilinglijst, onder meer van de Belgische diplomaat en latere eerste minister Sylvain Van de Weyer.

Oude foto van de Grand-Place van Binche

Notaris? Bibliotheek? Graaf?

Potentiële kopers kregen de gelegenheid de boeken te bezichtigen op zondag 9 augustus 1840, de dag vóór de eigenlijke verkoop. Tegen die datum zakten een heleboel geïnteresseerden af naar het stadje Binche op zoek naar het notariaat van Monsieur Mourlon in de Rue de l’Eglise, nummer 9, waar zoals vermeld in de catalogus de verkoop zou plaats vinden. Tot hun niet geringe verbazing bestond dit adres niet en bij navraag bleek er evenmin een notariaat Mourlon te bestaan in Binche.

Aanplakbiljet over de afgelasting van de Fortsas-veiling, 1840

Wel troffen ze een aanplakbiljet aan met de vermelding dat de verkoop was afgelast, maar dat de collectie in zijn geheel was opgekocht door 'la ville de Binche pour sa bibliothèque publique'. Hetzelfde bericht was ook verschenen in lokale kranten.

De verbouwereerde bibliofielen wilden dan tenminste in de bibliotheek de uitzonderlijke collectie met hun eigen ogen kunnen bewonderen. Maar ook dat viel tegen, want er was géén openbare bibliotheek in Binche. En hoewel, nog steeds volgens de catalogus, de graaf van Fortsas afkomstig was van Waudrez-sur-Bruille, een gehucht van Binche, had niemand ooit van deze graaf gehoord.

Renier Chalon

Wat was er aan de hand?

Het werd duidelijk dat de hele historie rond de graaf van Fortsas en zijn boekencollectie van A tot Z verzonnen was. Maar door wie? En waarom? De man achter de hele hoax was Renier Hubert-Ghislain Chalon uit Bergen. Chalon, geboren in 1802, was jurist van opleiding, maar hij hield zich vooral bezig met kunst en cultuur, archeologie en geschiedenis, verzamelde boeken en munten enzovoort.

Medaillon met portret van Renier Chalon (1873)

In verschillende van die disciplines zou hij belangrijke functies bekleden. Zo werd hij voorzitter van de Société Royale de Numismatique de Belgique, bij welke gelegenheid een medaillon met zijn portret werd uitgebracht. Hij was bestuurslid van de Academie voor Archeologie en van de Koninklijke Commissie voor Monumenten. Na zijn dood in 1889 werd een straat in Elsene, zijn laatste woonplaats, naar hem genoemd.

Maar we hadden dus over die hoax van 1840. Chalon was toen net weduwnaar geworden en zocht blijkbaar iets om zijn gedachten te verzetten. Hij betrok de Bergense drukker Emmanuel Hoyois bij zijn practical joke, evenals enkele bibliofiele vrienden die hielpen met het verspreiden van de catalogus en het verbreiden van de hype rond de uitzonderlijke boekenveiling.

Is er niemand van de gedupeerde bibliofielen die ooit klacht indiende tegen Chalon? Sommigen onder hen waren immers speciaal vanuit Londen of Parijs naar Binche afgereisd... voor niks. Neen, liever dan in het openbaar geridiculiseerd te worden, zwegen ze in alle stilte. Blijkbaar was de schaamte te groot. Ze hadden zich laten leiden door hun bibliofiele verzamelzucht en waren blindelings in de val getrapt die Chalon had opgezet.

Reynaert de Vos

Het succes van de Fortsas Hoax zou Renier Chalon aansporen om nog meer grappen uit te halen. Zo bracht hij twee archeologische vondsten uit, een Romeinse vaas, gevonden in Onnezies in Henegouwen, en een stenen buste uit Spiennes. Beiden ontdekkingen bleken vals.

Chalon zou enkele jaren later stichtend lid worden van de Sociéte des Agathopèdes, een genootschap dat zich naast gastronomische esbattementen voornamelijk onledig hield met het creëren van grappen en grollen. De Fortsas Hoax was zeker voldoende voor Chalon om toegelaten te worden tot dit burleske gezelschap. Zijn bijnaam bij de Agathopèdes was Goupil le Renard, een verwijzing naar de sluwe Reynaert de Vos.

Dank

Met dank aan collega Adrien De Vos voor de tip over dit bibliofiele verhaal.

VRTNU VRTNU VRTNU